NJ 1923, p. 1377
Rb. Amsterdam, 29-06-1923
Rb. Amsterdam 29-06-1923, ECLI:NL:RBAMS:1923:51
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
29 juni 1923
- Magistraten
Mrs. Witsen, Enthoven en van Regteren Altena
- Zaaknummer
[29061923/NJ_1923,_p._1377]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Economische ordening
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:1923:51, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 29‑06‑1923
- Wetingang
(WvK art. 20.)
Samenvatting
Voor het verrichten van daden van beheer voor, of het werkzaam zijn in de zaken van een commanditaire vennootschap door den commanditairen vennoot is vereischt, dat de gewraakte handeling zoodanig werkt, dat daardoor derden in den waan gebracht zouden kunnen worden, dat de commanditaire vennoot als complementaris met zijn geheele vermogen achter de vennootschap stond.
Geschiedenis van de artt. 20 en 21 K.
Partij(en)
J. P. Bril, koopman, wonende te Amsterdam, eischer, procureur Mr. H. J. Keyzer,
tegen:
A. van Brero, fabrikant, wonende te Apeldoorn, gedaagde, procureur Mr. A. W. Gerritzen.
Uitspraak
[p. 1377 ►]
De Rechtbank, enz.; ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.