NJB 2025/200
Vrijheidsbeperkende maatregel waaraan meerdere verplichtingen worden verbonden, art. 38v lid 2 Sr: bij oplegging daarvan bepaalt de rechter overeenkomstig art. 38w lid 2 Sr de duur van de vervangende hechtenis die ten hoogste ten uitvoer kan worden gelegd voor iedere keer dat niet aan de maatregel – dat wil zeggen: aan een aan die maatregel verbonden verplichting – wordt voldaan. Op grond van art. 38w lid 3 Sr geldt van rechtswege dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt.
HR 14-01-2025, ECLI:NL:HR:2025:61
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 januari 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, T.B. Trotman
- Zaaknummer
22/04819
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:61, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑01‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1334, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑12‑2024
- Wetingang
(art. 38v Sr)
Essentie
Vrijheidsbeperkende maatregel waaraan meerdere verplichtingen worden verbonden, art. 38v lid 2 Sr: bij oplegging daarvan bepaalt de rechter overeenkomstig art. 38w lid 2 Sr de duur van de vervangende hechtenis die ten hoogste ten uitvoer kan worden gelegd voor iedere keer dat niet aan de maatregel – dat wil zeggen: aan een aan die maatregel verbonden verplichting – wordt voldaan. Op grond van art. 38w lid 3 Sr geldt van rechtswege dat de totale duur van de ten uitvoer gelegde vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt.
Uitspraak
Inleiding
Verdachte is wegens – kort gezegd – ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.