NJF 2004, 476
Rechtspersonenrecht. Vereenzelviging. De rechtbank leidt uit de feiten af dat de stichting is opgericht om verhaalsmogelijkheden op haar oprichter te frustreren, maar laat haar toe tot tegenbewijs.
Rb. Dordrecht 28-04-2004, ECLI:NL:RBDOR:2004:AO8586
- Instantie
Rechtbank Dordrecht
- Datum
28 april 2004
- Magistraten
mr. W.P. Sprenger
- Zaaknummer
49959HAZA03-2467
- LJN
AO8586
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDOR:2004:AO8586, Uitspraak, Rechtbank Dordrecht, 28‑04‑2004
- Wetingang
BW art. 2:5; BW art. 6:162
Essentie
Rechtspersonenrecht. Vereenzelviging. De rechtbank leidt uit de feiten af dat de stichting is opgericht om verhaalsmogelijkheden op haar oprichter te frustreren, maar laat haar toe tot tegenbewijs.
Partij(en)
Eiseres, proc. mr. J.A. Visser,
tegen
De stichting en gedaagde, gedaagden, proc. mr. B.G. van Twist.
Uitspraak
(Post alia:)
3
X is bij vonnis van de voorzieningenrechter in de Rechtbank Amsterdam van 7 maart 2002 uit hoofde van een overeenkomst van personenvervoer veroordeeld om aan eiseres te betalen het bedrag van € 46 988,75, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover te berekenen met ingang van 14 januari 2002 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.