Einde inhoudsopgave
RvdW 2021/467
Herziening. Poging tot doodslag, meermalen gepleegd (art. 287 Sr) en bedreiging, meermalen gepleegd (art. 285 lid 1 Sr). Aangevoerd wordt dat ernstig vermoeden bestaat dat hof aanvrager zou hebben vrijgesproken, althans beroep op noodweer(exces) zou hebben gehonoreerd, als het bekend was geweest met inhoud van het bij aanvraag gevoegde whatsappgesprek tussen moeder van slachtoffer en schoonzus van aanvrager. Het overgelegd (weinig zeggend en niet gedetailleerd) whatsappgesprek van ruim zeven maanden vóór dat incident wekt niet ernstig vermoeden dat, indien dit gesprek bekend zou zijn geweest bij hof, onderzoek van zaak zou hebben geleid tot vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging van verdachte. Volgt afwijzing aanvraag.
HR 06-04-2021, ECLI:NL:HR:2021:499
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
6 april 2021
- Magistraten
Mrs. J. de Hullu, E.S.G.N.A.I. van de Griend, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
20/04426
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:499, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 06‑04‑2021
Essentie
Herziening. Poging tot doodslag, meermalen gepleegd (art. 287 Sr) en bedreiging, meermalen gepleegd (art. 285 lid 1 Sr). Aangevoerd wordt dat ernstig vermoeden bestaat dat hof aanvrager zou hebben vrijgesproken, althans beroep op noodweer(exces) zou hebben gehonoreerd, als het bekend was geweest met inhoud van het bij aanvraag gevoegde whatsappgesprek tussen moeder van slachtoffer en schoonzus van aanvrager. Het overgelegd (weinig zeggend en niet gedetailleerd) whatsappgesprek van ruim zeven maanden vóór dat incident wekt niet ernstig vermoeden dat, indien dit gesprek bekend zou zijn geweest bij hof, onderzoek van zaak zou hebben geleid tot vrijspraak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.