Raad zonder raadgevers?
Einde inhoudsopgave
Raad zonder raadgevers? (SteR nr. 42) 2018/4.3.2.1.2.3:4.3.2.1.2.3 Subsidievaststelling
Raad zonder raadgevers? (SteR nr. 42) 2018/4.3.2.1.2.3
4.3.2.1.2.3 Subsidievaststelling
Documentgegevens:
drs. J.W.M.M.J. Hessels, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
drs. J.W.M.M.J. Hessels
- JCDI
JCDI:ADS581545:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Artikel 4:44 lid 1 onder b Awb.
Den Ouden, Jacobs & Verheij 2011, p. 69.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
‘Indien een beschikking tot subsidieverlening is gegeven, dient de subsidieontvanger na afloop van de activiteiten of het tijdvak waarvoor de subsidie is verleend een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in’,
bepaalt het eerste lid van artikel 4:44 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit is in overeenstemming met de in artikel 12, eerste lid, modelverordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning vastgelegde verantwoordingsbepaling. Ook het tweede lid (controle door de accountant, die ook de gemeentelijke jaarrekening beoordeelt) is – indien gewenst – toepasbaar. Het derde lid van artikel 12 behoeft wederom aanpassing aan de mogelijkheden, die titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht biedt met betrekking tot reservevorming en verrekening.
Zoals gezegd hoeft de subsidievaststelling niet de gehele periode van de subsidieverlening te beslaan, maar mag in de bepalingen van de subsidieverleningsbeschikking zijn opgenomen dat subsidievaststelling kan plaatsvinden over een gedeelte van de gehele periode,1 bijvoorbeeld jaarlijks.
‘De vaststelling geeft (…) een onvoorwaardelijke, afdwingbare aanspraak op een vast bedrag. Daarmee is het besluitvormingsproces rond de subsidieverstrekking voltooid.’2 Afgezien van fraude en misbruik kan niets meer een definitieve uitbetaling van de subsidie in de weg staan.