De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen
Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/109:109 Financiële prikkels leiden tot verbeterde prestaties
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/109
109 Financiële prikkels leiden tot verbeterde prestaties
Documentgegevens:
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS365337:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Er kan worden gediscussieerd over de vraag of niet alle prikkels extrinsiek zijn, maar deze discussie laat ik hier rusten. Ik gebruik de aanduiding ‘extrinsieke’ prikkels om aan te geven dat deze prikkels tot doel hebben de extrinsieke motivatie te beïnvloeden.
Frey & Jegen 2001, p. 593.
Ariely e.a. 2005, p. 2.
Brennan 1994, p. 36.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Aan de pay-for-performancebenadering ligt een ongebreideld vertrouwen in de werking van financiële prikkels ten grondslag. Gebaseerd op de economische wet van het relatieve prijseffect wordt aangenomen dat extrinsieke prikkels de prestatie zullen vergroten door kosten op te leggen aan ‘shirking’ of door de financiële voordelen te doen toenemen naarmate er beter wordt gepresteerd.1 Economen spreken hierdoor van het disciplinerend effect dat financiële beloningen hebben op het handelen van de agent.2
De verwachting dat mensen hun prestaties zullen verbeteren wanneer aan hen een prestatiegerelateerde bonus in het vooruitzicht wordt gesteld, rust op twee impliciete aannames: (i) dat een prestatiegerelateerde beloning de motivatie verhoogt en (ii) dat het verhogen van de motivatie leidt tot verbeterde prestaties.3 Op beide aannames valt het een en ander af te dingen. Buiten de financiële economie bestaat er dan ook een grote reserve tegen de aanname dat financiële prikkels zullen aanzetten tot het verbeteren van de prestaties.
“[T]he standard agency model presumes a one-to-one relation between effort and expected output. It is by no means clear that a CEO will become more effective simply by working harder.”4