De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen
Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/339:339 De de facto wettelijke opschortende voorwaarde
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/339
339 De de facto wettelijke opschortende voorwaarde
Documentgegevens:
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS367853:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het delegeren van de benoemingsbevoegdheid is bij een naamloze vennootschap niet toegestaan. Dat laat onverlet dat het delegeren van de vertegenwoordigingsbevoegdheid om de arbeids- of opdrachtovereenkomst aan te gaan kan geschieden via de statuten of bij (stilzwijgende) volmacht.
Zie in dit geval onder meer HR 6 januari 2012, NJ 2012/336, m.nt. PvS (Imeko Holding/ B&D Beheer).
Zie hierover uitgebreid Bennaars 2015, p. 110.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Vorenstaande weerspreekt de gedachte dat het bestuur op grond van de normale vertegenwoordigingsregels bevoegd zou zijn om de (arbeids)overeenkomst te sluiten. Deze constatering heeft belangrijke gevolgen voor de vraag hoe een vooraf gesloten (arbeids)overeenkomst zich verhoudt tot het benoemingsbesluit. Zoals betoogd brengt de benoemingsbevoegdheid mee dat tevens de bevoegdheid om de (arbeids)overeenkomst aan te gaan bij de algemene vergadering (en bij structuurvennootschappen bij de raad van commissarissen) ligt. In de praktijk kan deze laatste bevoegdheid worden gedelegeerd aan bijvoorbeeld de raad van commissarissen.1 Van belang is daarbij dat de gedelegeerde bevoegdheid om een arbeidsovereenkomst te mogen sluiten slechts geldt jegens een formeel bestuurder.2 Van een bestuurder is echter pas formeel sprake na aanvaarding van de benoeming.3 Het orgaan dat bevoegd is de arbeidsovereenkomst aan te gaan kan dus wel in onderhandeling treden met een beoogd bestuurder en tevens een (arbeids)overeenkomst ondertekenen, maar zonder formeel benoemingsbesluit is de vennootschap niet rechtsgeldig vertegenwoordigd bij het aangaan van deze (arbeids)overeenkomst. Wordt de beoogd bestuurder alsnog formeel benoemd, dan zorgt het aanvaarden van het benoemingsbesluit ervoor dat de in beginsel nietige vertegenwoordigingshandeling wordt bekrachtigd en de (arbeids- of opdracht)overeenkomst de door de benoeming ontstane contractuele band inkleurt. Om misverstanden te voorkomen zal in de praktijk veelal eerst een (arbeids)overeenkomst worden gesloten onder de opschortende voorwaarde van benoeming. Ontbreekt een dergelijke opschortende voorwaarde in de overeenkomst, dan zorgen mijns inziens de vertegenwoordigingsregels alsnog voor een de facto wettelijke opschortende voorwaarde voor het rechtsgeldig van kracht worden van de (arbeids- of opdracht)overeenkomst met de bestuurder.