Politiemensen, officieren en rechters over strafrecht
Einde inhoudsopgave
Politiemensen, officieren en rechters over strafrecht (SteR nr. 49) 2020/4.7.2:4.7.2 Gevolgen
Politiemensen, officieren en rechters over strafrecht (SteR nr. 49) 2020/4.7.2
4.7.2 Gevolgen
Documentgegevens:
J. Kort, datum 01-03-2020
- Datum
01-03-2020
- Auteur
J. Kort
- JCDI
JCDI:ADS200725:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Uit de interviews met politiemensen bleek dat hun onvrede over strafrechtelijke reacties gevolgen kan hebben voor de wijze waarop zij over hun werk denken, de mate waarin zij zich daarbij betrokken voelen, voor hun relatie met het OM en voor de uitvoering van het werk. Om te achterhalen hoe vaak deze gevolgen in de praktijk optreden, zijn in de enquête hierover enkele vragen opgenomen. Om te voorkomen dat de enquête vooral sociaal wenselijke antwoorden zou opleveren, is niet gevraagd naar de gevolgen bij de geënquêteerde zelf, maar in hoeverre men deze ziet bij collega’s.
Van de geënquêteerde politiemensen zegt ongeveer een kwart (28%) het afgelopen halfjaar weleens te hebben meegemaakt dat collega’s eerder een boete opleggen ter compensatie van het feit dat in de regel strafrechtelijk optreden niet zal plaatsvinden of inadequaat zal blijven. Uit de interviews en bij de enquête gemaakte opmerkingen blijkt om wat voor situaties het hierbij kan gaan. Dit gebeurt bijvoorbeeld als collega-politiemensen een ‘bekende crimineel’ in zijn auto aantreffen en hem dan, bij gebrek aan mogelijkheden om hem ‘aan te pakken’, gaan controleren op het dragen van een gordel of gladde banden. Een even grote groep politiemensen zegt het afgelopen halfjaar te hebben meegemaakt dat collega’s strenger optreden in een situatie waarin zij menen dat de strafrechtelijke reactie onvoldoende zal blijven. Afgaande op de interviews en toelichtingen op de enquête lijkt het soms een uiting van machteloosheid, bijvoorbeeld in het succesvol aanpakken van veelplegers.
Een beperkt aantal politiemensen (9%) zegt in het afgelopen halfjaar weleens te hebben meegemaakt dat een collega geweld gebruikte omdat hij of zij wist dat het via het strafrecht niet zou lukken het probleem aan te pakken. In één van de interviews vertelt een teamchef dat de onvrede van politiemensen weleens zo ver gaat dat ze een ‘rotschop’ uitdelen, zodat iemand ‘opdondert’. Een strategie die in zo’n situatie als effectiever wordt gezien dan het uitschrijven van een proces-verbaal.
Een andere variant van zelf het ‘recht’ in handen nemen, is niks doen. Juist omdat men het idee heeft dat er toch geen strafrechtelijk vervolg op hun werk zal komen, besluit men soms zelf ook maar niet meer te reageren. Deze fatalistische reactiewijze wordt genoemd door 31 procent van de politiemensen.
Het uitblijven van een adequate strafrechtelijke reactie heeft niet alleen gevolgen voor de werkwijze van politiemensen, maar ook voor het handelen van burgers. Een groot deel van de politiemensen (80%) zegt het afgelopen halfjaar te hebben meegemaakt dat burgers zich hierover bij hen hebben beklaagd. Nog verder gaat het als burgers het heft zelf in handen nemen. Bijna de helft van de politiemensen (43%) merkte het afgelopen halfjaar dat een burger besloot voor eigen rechter te spelen vanwege het uitblijven van een (voldoende) strafrechtelijke reactie. In het verlengde hiervan werd er tijdens de interviews en in de toelichting op de enquête door politiemensen op gewezen dat een ontbrekende of onvoldoende strafrechtelijke reactie negatief kan doorwerken op het imago van de politie onder burgers en op hun bereidheid om informatie aan de politie te verstrekken.