Einde inhoudsopgave
RvdW 2023/754
Prejudiciële beslissing op voet art. 392 Rv. Huurprijzenrecht woonruimte. Toetsing aanvangshuurprijs (art. 7:249 BW); woningwaarderingsstelsel; energie-index of energielabel; tijdige beschikbaarheid in procedure bij huurcommissie of kantonrechter.
HR 30-06-2023, ECLI:NL:HR:2023:1005
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 juni 2023
- Magistraten
Mrs. C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, F.R. Salomons, K. Teuben
- Zaaknummer
22/03211
- Conclusie
A-G mr. G.R.B. van Peursem
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Huurbeleid
Bouwrecht / Veiligheid en milieu
Huurrecht / Huur van woonruimte
Huurrecht / Huurprijzen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1005, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑06‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:173, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑02‑2023
- Wetingang
Art. 7:249 BW; art. 10, 11 UHW
Essentie
Prejudiciële beslissing op voet art. 392 Rv. Huurprijzenrecht woonruimte. Toetsing aanvangshuurprijs (art. 7:249 BW); woningwaarderingsstelsel; energie-index of energielabel; tijdige beschikbaarheid in procedure bij huurcommissie of kantonrechter.
Samenvatting
Op grond van art. 7:249 BW kan een huurder van woonruimte binnen zes maanden na het tijdstip waarop een door hem met betrekking tot die woonruimte voor de eerste maal aangegane huurovereenkomst is ingegaan, de huurcommissie verzoeken uitspraak te doen over de redelijkheid van de overeengekomen huurprijs. Bij de toetsing van de aanvangshuurprijs moet de energieprestatie van een woning worden gewaardeerd aan de hand van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.