NJB 2025/1056
Oplegging van een gevangenisstraf van 28 jaren terwijl gelet op art. 63 jo 57 Sr slechts een straf van maximaal 10 jaren kon worden opgelegd: de Hoge Raad herhaalt het beslissingsschema voor toepassing van art. 63 Sr. Bij dat schema is niet van belang of de veroordeling voor de door de andere rechter al beoordeelde feiten al dan niet onherroepelijk is. In casu getuigt de oplegging van 28 jaren van een onjuiste rechtsopvatting. De Hoge Raad merkt nog op dat bij het parlement momenteel het wetsvoorstel “herziening regeling meerdaadse samenloop in strafzaken” aanhangig is. Dit wetsvoorstel strekt er onder meer toe dat de toepassing van art. 63 Sr wordt beperkt tot het geval waarin de verdachte “onherroepelijk” tot straf is veroordeeld.
HR 13-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:722
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 mei 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, Y. Buruma en T. Kooijmans
- Zaaknummer
24/00620
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:722, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:336, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 18‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 27‑08‑2024
- Wetingang
Essentie
Oplegging van een gevangenisstraf van 28 jaren terwijl gelet op art. 63 jo 57 Sr slechts een straf van maximaal 10 jaren kon worden opgelegd: de Hoge Raad herhaalt het beslissingsschema voor toepassing van art. 63 Sr. Bij dat schema is niet van belang of de veroordeling voor de door de andere rechter al beoordeelde feiten al dan niet onherroepelijk is. In casu getuigt de oplegging van 28 jaren van een onjuiste rechtsopvatting. De Hoge Raad merkt nog op dat bij het parlement momenteel het wetsvoorstel “herziening regeling meerdaadse samenloop in strafzaken” aanhangig ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.