Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/75
75 Toename van de variabele beloning in Nederland
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS366574:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Als typische bestuursvoorzitter wordt gezien de ‘CEO’ van een productieonderneming met $500 miljoen aan jaarlijkse omzet.
Zie figuur 3.2 en 3.3 in RUG/Towers 2007, p. 47/48.
Zie onder andere de verslagen van Eumedion in 2006 en 2007 https://www.eumedion.nl/nl/public/kennisbank/ava-evaluaties/2006_ava_evaluatie.pdf, p. 12 en https://www.eumedion.nl/nl/public/kennisbank/ava-evaluaties/2007_ava_evaluatie.pdf, p. 12.
Deze daling in de verhouding variabel/vast is voornamelijk te zien bij financiële instellingen met een beursnotering. Een klein aantal niet-financiële instellingen volgt de trend om de ‘remuneratiemix’ te wijzigen. Zie bijvoorbeeld PostNL, waar de verhouding van het vaste salaris ten aanzien van het variabele deel steeg van 50% naar 57%. Zie ook ASML, waar de verhouding van het vaste salaris ten aanzien van het variabele deel van de beloning van de bestuursvoorzitter steeg van 34,6% naar 43,5%.
De tendens om bestuurders meer variabel te belonen waait uiteindelijk over van de Verenigde Staten naar Europa. Vanaf halverwege de jaren ’90 van de vorige eeuw gaat variabele beloning ook in Nederland een steeds belangrijker deel uitmaken van de bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde ondernemingen. In 1996 ontvangt een ‘typische bestuursvoorzitter’ een korte termijn bonus die ongeveer 20% bedraagt van zijn of haar vaste salaris.1 Van een lange termijn variabele beloning is in die tijd nog geen sprake.
Vanaf 1996 is een duidelijk opwaartse trend waar te nemen, zowel van het gebruik van de korte termijn bonus als van de lange termijn beloning. Binnen tien jaar tijd groeit de korte termijn beloning uit tot een percentage van circa 55% van het vaste salaris. De lange termijn beloning wordt pas rond 1996 bij de meeste beursgenoteerde ondernemingen geïntroduceerd. Tien jaar later is de omvang van de lange termijn beloning gegroeid tot 40% van het vaste salaris.2
Na een kleine dip vanwege de corporate governance schandalen zet de opwaartse trend naar meer variabel belonen in de jaren voorafgaand aan de kredietcrisis door.3 De laatste jaren is na een kleine daling van het variabele deel ten aanzien van het vaste deel van de beloning weer een stijging zichtbaar.4