NJB 2023/332:Erfgrensoverschrijding. Inbezitneming te kwader trouw. Verkrijgende verjaring. Onrechtmatige daad. In 1992/1993 heeft een eigenaar van een perceel een aangrenzende strook grond in bezit genomen door een coniferenhaag te planten. In 2017 vordert de nieuwe eigenaar van het buurperceel teruglevering van de strook grond. Hoge Raad: 1. Terugkomen. De Hoge Raad ziet geen aanleiding terug te komen van HR 24 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:309 (Gemeente Heusden). 2. Kwade trouw. In het (kennelijke) oordeel van het hof dat de occupant wist dat de strook grond tot het buurperceel behoorde, ligt besloten dat hij te kwader trouw was. 3. Onrechtmatigheid. Instemming. Het oordeel van het hof dat de instemming van de toenmalige eigenaar van het buurperceel met het planten van de coniferenhaag niet afdoet aan het onrechtmatige karakter van de handelwijze, geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. 4. Schadevergoeding in natura. Het hof heeft met juistheid geoordeeld dat schadevergoeding in natura in dit geval betekent dat de eigenaar van het buurperceel zowel het bezit als de eigendom van de strook grond moet verkrijgen.