Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/150
150 Selectie van een potentiële bestuurder
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS367834:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
In de praktijk valt de remuneratiecommissie bij verschillende beursgenoteerde ondernemingen samen met de selectie- en benoemingscommissie (vaak de ‘remuneration- and nomination committee’ genoemd).
Schwab & Thomas 2006, p. 236.
Khurana beschrijft het proces waarbinnen het aantal CEO-kandidaten wordt gereduceerd tot een enkel individu. Vervolgens worden met dat individu de contractonderhandelingen gevoerd met de stellige intentie deze persoon vast te leggen. Khurana 2002b, p. 240-262; Khurana 2002a.
Schwab & Thomas 2006, p. 236.
Murphy 2012, p. 140.
Het is de taak van de raad van commissarissen – en in het bijzonder van de selectie- en benoemingscommissie – om de vacature van een bestuurdersfunctie in te vullen.1 De eerste stap in dat proces is het ontwerpen van een profielschets waaraan een mogelijke kandidaat moet voldoen. Nadat de selectie- en benoemingscommissie een long list heeft opgesteld, wordt deze gereduceerd tot een short list van personen die volgens de selectie- en benoemingscommissie in aanmerking komen voor de bestuursfunctie. Aan de hand van deze short list worden er door de raad van commissarissen gesprekken aangegaan met potentiële kandidaten. Na verschillende gesprekken gaat de raad van commissarissen verder met één kandidaat voor de functie.2
Bij het selectieproces speelt de bezoldiging van de toekomstige bestuurder – behoudens een plafond welke wordt bepaald door hetgeen in het algemeen betaalbaar is – geen belangrijke rol. De primaire taak van de raad van commissarissen is het vinden van de juiste bestuurder. Pas op het moment dat de kandidaat de functie (in beginsel) aanvaardt, breekt de volgende fase van het selectie- en benoemingsproces aan, namelijk de onderhandelingen met de potentiële bestuurder over zijn bezoldiging.3 Het is in de meeste gevallen de potentiële bestuurder die in één van deze latere gesprekken een looneis op tafel legt. Vervolgens worden de onderhandelingen aangegaan met de verstandhouding dat beide partijen er in beginsel uit zullen komen. Doordat de bestuurder met een eerste looneis komt, lijkt de onderhandelingsruimte voor de raad van commissarissen beperkt. Deze onderhandelingsruimte wordt verder beperkt doordat degene, met wie de beloningsonderhandelingen worden gehouden, in beginsel de enig overgebleven kandidaat is.4
“Negotiations over pay typically begin only after the favored candidate is identified and told that he or she is to be the new CEO. Indeed, many times negotiations are still ongoing when the appointment is announced publicly. At this point the board is effectively locked in to the particular candidate CEO, which dramatically shifts the bargaining power to the seller (the candidate) rather than the buyer (the firm). This procedure is a reasonable way to identify top candidates when ‘price’ is not an issue, but is clearly a recipe for systematically paying too much for managerial talent.”5