NJB 2025/1058
Ontnemingsprocedure en de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel: op grond van art. 511f Sv kan die schatting slechts worden ontleend aan wettige bewijsmiddelen. Op de uitspraak op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel is art. 359 lid 3 Sv van overeenkomstige toepassing. Dat betekent dat die uitspraak met voldoende nauwkeurigheid de bewijsmiddelen moet vermelden waaraan de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel is ontleend met weergave van de inhoud daarvan, voor zover die de voor die schatting redengevende feiten en omstandigheden bevatten. In beginsel staat geen rechtsregel eraan in de weg om de schatting uitsluitend op de inhoud van een (in het kader van een strafrechtelijk financieel onderzoek opgesteld) financieel rapport te doen berusten. Als door of namens de betrokkene een in het financieel rapport gemaakte gevolgtrekking voldoende gemotiveerd is betwist, moeten aan de motivering van de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel echter nadere eisen worden gesteld. In casu is de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel om verschillende redenen niet toereikend gemotiveerd. Dit geldt zowel voor de op een zgn. ‘kasopstelling’ gebaseerde schatting als de op een transactieberekening gebaseerde schatting.
HR 13-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:740
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 mei 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, C. Caminada
- Zaaknummer
23/01616 P
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:740, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:244, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 18‑02‑2025
- Wetingang
Essentie
Ontnemingsprocedure en de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel: op grond van art. 511f Sv kan die schatting slechts worden ontleend aan wettige bewijsmiddelen. Op de uitspraak op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel is art. 359 lid 3 Sv van overeenkomstige toepassing. Dat betekent dat die uitspraak met voldoende nauwkeurigheid de bewijsmiddelen moet vermelden waaraan de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel is ontleend met weergave van de inhoud daarvan, voor zover die de voor die schatting redengevende feiten en omstandigheden bevatten. In beginsel staat geen rechtsregel eraan in de weg om ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.