Einde inhoudsopgave
RvdW 2023/923
Overtreding art. 9 lid 1 WVW 1994. Motivering bewezenverklaring dat verdachte ‘wist of redelijkerwijs moest weten’ dat hem rijbevoegdheid was ontzegd.
HR 26-09-2023, ECLI:NL:HR:2023:1305
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
26 september 2023
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, Y. Buruma, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
21/02773
- Conclusie
A-G mr. D.J.M.W. Paridaens
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1305, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 26‑09‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:620, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 27‑06‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 16‑11‑2022
- Wetingang
Essentie
Overtreding art. 9 lid 1 WVW 1994. De bewezenverklaring dat de verdachte de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen was ontzegd , is toereikend gemotiveerd.
Samenvatting
De verdachte is veroordeeld voor overtreding van art. 9 lid 1 WVW 1994. Het cassatiemiddel klaagt dat de bewezenverklaring ontoereikend is gemotiveerd, omdat uit het door het hof gebruikte bewijsmiddel niet kan volgen dat de verdachte ‘wist of redelijkerwijs moest weten’ dat hem bij rechterlijke uitspraak of strafbeschikking de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen was ontzegd. Het cassatiemiddel faalt. Het hof heeft bewezenverklaard dat de verdachte op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.