De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen
Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/83:83 De schoonheid van de theorie en haar innerlijke tegenstrijdigheid
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/83
83 De schoonheid van de theorie en haar innerlijke tegenstrijdigheid
Documentgegevens:
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS367823:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In theorie klinkt de pay-for-performancebenadering als een ideale manier om tot een rechtvaardige bezoldiging te komen. De bestuurder wordt immers, behoudens zijn vaste salaris, alleen beloond voor geleverde prestaties. Daarnaast wordt de bezoldiging van bestuurders ingezet om ondernemingen beter te laten presteren. Dit is niet alleen in het belang van de aandeelhouders en de andere betrokkenen bij de onderneming. De hele samenleving is gebaat bij beter presterende ondernemingen.
De pay-for-performancebenadering kent echter een innerlijke tegenstrijdigheid die samenhangt met de verschuiving naar het beschouwen van bezoldiging als prikkel in plaats van als beloning. De waarde van een bezoldiging wordt binnen deze benadering bepaald aan de hand van de prikkel die deze bezoldiging geeft aan de bestuurder om te presteren. Jensen en Murphy stellen dan ook dat de prikkelwerking vanuit het perspectief van de bestuurder van doorslaggevend belang is. Híj moet immers gemotiveerd worden. Bij het vaststellen van de prestatie waarvoor beloond moet worden, sluiten Jensen en Murphy aan bij de absolute aandeelhouderswaarde. Wat de prestatie betreft, is het perspectief van de aandeelhouders dus leidend. In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de consequenties die deze gezichtspunten met zich brengen om vervolgens aan te geven hoe in de praktijk met de botsing tussen beide wordt omgegaan.