De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen
Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/27:27 De discussie over de bezoldiging van bestuurders komt langzaam op gang
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/27
27 De discussie over de bezoldiging van bestuurders komt langzaam op gang
Documentgegevens:
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS366565:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De scheiding van eigendom en zeggenschap en de daaruit voortvloeiende visies op de verdeling van winst zorgen ervoor dat de bezoldiging van bestuurders onderwerp van discussie wordt. De primaire vraag die gesteld wordt, is of de bestuurders op basis van hun bestuurstaak aanspraak kunnen maken op een deel van de winst. Omdat zowel in Europa als in de Verenigde Staten de traditionele opvatting over eigendomsrechten de heersende visie is, wordt deze vraag in de praktijk ontkennend beantwoord. Hieruit volgt echter niet dat de discussie over het gebruiken van winstdelingen ten behoeve van het bestuur beëindigd is. Ook als aandeelhouders uiteindelijk gerechtigd zijn tot de winst kunnen zij er immers voor kiezen om bestuurders met een deel van deze winst te belonen.
In de Verenigde Staten lijkt een keuze voor ofwel de juridische visie ofwel de economische visie hand in hand te gaan met een voorkeur voor het wel of niet toepassen van winstdelingen binnen de onderneming. Diverse voorstanders van de traditionele opvatting over eigendomsrechten, waaronder de hiervoor aangehaalde Richard T. Ely, hebben weinig fiducie in winstdelingen als oplossing voor mogelijke problemen tussen aandeelhouders en bestuurders.1 De aanhangers van deze stroming spreken zich dan ook uit tegen het toekennen van winstdelingen aan bestuurders.
“Neither historical study nor theoretical analysis of profit sharing furnishes reasonable ground for the belief that this method of industrial remuneration will ever play an important part in solving the modern labor problem.”2
Gedreven door een meer economische gedachtegang pleiten enkele aanhangers van de traditionele opvatting over winst, zoals bijvoorbeeld Frank William Taussig, voor nader onderzoek om te kijken in hoeverre winstdelingen ten behoeve van bestuurders van belang kunnen zijn voor de onderneming.3 De bezoldiging van bestuurders begint in de Verenigde Staten daardoor langzaam onderwerp van discussie te worden.