V-N 2025/14.21
Bestuursorgaan mag als regel in (hoger) beroep geen tijdigheidsverweer voeren als inhoudelijk op het bezwaar is beslist
HR (Parket) 14-02-2025, ECLI:NL:PHR:2025:204, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad (Parket)
- Datum
14 februari 2025
- Zaaknummer
24/02420
- Conclusie
A-G Pauwels
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD2448:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2025:204, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 14‑02‑2025
- Wetingang
Essentie
Advocaat-generaal Pauwels concludeert dat het rechtszekerheidsbeginsel zich er niet tegen verzet dat het bestuursorgaan het tijdigheidsverweer voert. Dit geldt wanneer X BV eerder in bezwaar onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt die van belang zijn voor de beoordeling van de tijdigheid van het bezwaar.
Samenvatting
De heffingsambtenaar van gemeente Z legt een aanslag leges op aan belanghebbende X BV. De aanslag wordt met dagtekening 5 april 2017 verstuurd naar de B-straat. Tijdens een gesprek op 7 juni 2018 merkt X BV op dat de aanslag niet bekend is en dat de C-straat het juiste adres is. De heffingsambtenaar ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.