NJB 2025/1112
Prejudiciële vragen. Proceskostenbeding in een huurovereenkomst. Hoge Raad. 1. Oneerlijk beding. Een beding in een huurovereenkomst tussen een professionele verhuurder en een consument als huurder, dat ertoe strekt dat de consument die tekortschiet alle gerechtelijke kosten van zijn wederpartij moet betalen, moet in het algemeen worden aangemerkt als een oneerlijk beding. 2. Proceskostenveroordeling. De Hoge Raad heeft het voornemen aan het HvJ EU te vragen of vernietiging van het proceskostenbeding meebrengt dat de rechter de huurder niet kan veroordelen in de proceskosten.
HR 23-05-2025, ECLI:NL:HR:2025:820
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 mei 2025
- Magistraten
Mrs. T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, G.C. Makkink, K. Teuben
- Zaaknummer
24/02783
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1081, Uitspraak, Hoge Raad, 04‑07‑2025
ECLI:NL:HR:2025:820, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑05‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:96, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 24‑01‑2025
- Wetingang
(art. 3 lid 1 Richtlijn 93/13/EEG; art. 6:233 BW; art. 237, 242 Rv)
Essentie
Prejudiciële vragen. Proceskostenbeding in een huurovereenkomst. Hoge Raad. 1. Oneerlijk beding. Een beding in een huurovereenkomst tussen een professionele verhuurder en een consument als huurder, dat ertoe strekt dat de consument die tekortschiet alle gerechtelijke kosten van zijn wederpartij moet betalen, moet in het algemeen worden aangemerkt als een oneerlijk beding. 2. Proceskostenveroordeling. De Hoge Raad heeft het voornemen aan het HvJ EU te vragen of vernietiging van het proceskostenbeding meebrengt dat de rechter de huurder niet kan veroordelen in de proceskosten.
Partij(en)
Lieven de Key, adv. mr. R.L.M.M. Tan, vs. H, niet verschenen in de prejudiciële procedure. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.