V-N 2026/15.25
Strafrechter niet akkoord met procesafspraken tussen verdachte en OM inzake BTW-fraude
Rb. Amsterdam 29-01-2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1235, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
29 januari 2026
- Magistraten
Van Wel, Berkhout, Wiewel
- Zaaknummer
81/221434-24
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD53461:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Fiscaal strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2026:1235, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 29‑01‑2026
- Wetingang
Art. 69 AWR
Essentie
Rechtbank Amsterdam oordeelt dat de voorgestelde bewezenverklaring in het afdoeningsvoorstel op voorhand geen recht lijkt te doen aan de overgelegde bewijsmiddelen. Daarnaast lijkt de voorgestelde strafmaat niet passend te zijn bij de voorgestelde bewezenverklaring.
Samenvatting
X is verdachte in een strafzaak met een (gesteld) benadelingsbedrag van ongeveer € 603.000 aan omzetbelasting. Op initiatief van het OM zijn procesafspraken gemaakt, bestaande uit onder meer twee maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Op de zitting verzoekt de verdediging om de overeengekomen gevangenisstraf van twee maanden onvoorwaardelijk om te zetten in elektronisch toezicht door middel van een enkelband. Op vragen van de rechtbank stelt de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.