NJB 2025/248
Rechterswisseling. Ondernemingskamer. Raden. Hoge Raad: De vaste rechtspraak van de Hoge Raad met betrekking tot de rechterswisseling is in zaken die door de ondernemingskamer worden behandeld ook van toepassing ten aanzien van de raden ten overstaan van wie de mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden.
HR 24-01-2025, ECLI:NL:HR:2025:114
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 januari 2025
- Magistraten
Mrs. T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff
- Zaaknummer
24/00695
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:114, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑01‑2025
ECLI:NL:PHR:2024:1231, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑11‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 11‑06‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 28‑02‑2024
- Wetingang
(art. 6 EVRM; art. 2:335 BW)
Essentie
Rechterswisseling. Ondernemingskamer. Raden. Hoge Raad: De vaste rechtspraak van de Hoge Raad met betrekking tot de rechterswisseling is in zaken die door de ondernemingskamer worden behandeld ook van toepassing ten aanzien van de raden ten overstaan van wie de mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden.
Partij(en)
A c.s., adv. mr. M.E. Bruning, vs. B, adv. mr. D. Rijpma, en C, niet verschenen.
Uitspraak
Feiten en procesverloop
A en B hadden elk 50% van de aandelen in een BV. Zij zijn in een vaststellingsovereenkomst overeengekomen dat A haar aandelen zou overdragen aan B. Deze overeenkomst is niet uitgevoerd.
In deze ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.