Uitkoop van minderheidsaandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Uitkoop van minderheidsaandeelhouders (VDHI nr. 125) 2014/1.2.2:1.2.2 Interne en externe rechtsvergelijking
Uitkoop van minderheidsaandeelhouders (VDHI nr. 125) 2014/1.2.2
1.2.2 Interne en externe rechtsvergelijking
Documentgegevens:
mr. T. Salemink, datum 01-07-2014
- Datum
01-07-2014
- Auteur
mr. T. Salemink
- JCDI
JCDI:ADS598841:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Over de geschillenregeling uitgebreid: Bulten (2011).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het onderzoek bevat een rechtsvergelijking met de uitkoopregelingen in België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Ik geef eerst een schets van de buitenlandse regelingen in § 2.3.1-2.3.3 en vergelijk deze vervolgens op bepaalde onderdelen met de Nederlandse uitkoopregelingen.
Een vergelijking met het Verenigd Koninkrijk ligt voor de hand omdat deze regeling al sinds 1929 bestaat en de verplichtingen uit de dertiende EG-richtlijn betreffende het openbaar overnamebod, welke ten grondslag ligt aan een aantal van de onderzochte uitkoopregelingen (§ 2.3 en 3.3), grotendeels hierop gestoeld zijn. België en Duitsland hebben net als Nederland ter implementatie van deze richtlijn een tweede afzonderlijke uitkoopregeling ingevoerd. De verschillende regelingen zijn daarom goed met elkaar vergelijkbaar, in het bijzonder met betrekking tot de uitleg en de implementatie van de voorschriften uit de richtlijn. Daarnaast zijn de Belgische en Duitse regelingen interessant, gelet op de wijze waarop de belangen van de minderheid gewaarborgd zijn en de methode voor het vaststellen van de uitkoopprijs.
De uitkoopregeling vertoont voorts gelijkenissen met de geschillenregeling in art. 2:335-343c BW.1 Laatstgenoemde regeling is eveneens een procedure tussen aandeelhouders, welke gericht is op de gedwongen overdracht van aandelen. Ik maak daarom een vergelijking met de geschillenregeling op bepaalde punten. Een integrale vergelijking ligt minder voor de hand, omdat de aard en grondslag van beide regelingen te verschillend zijn.