Inhoudsopgave
V-N Vandaag 2026/154:Toelichting budgettaire gevolgen keuze vermogenswinstbelasting onroerende zaken
V-N Vandaag 2026/154
Toelichting budgettaire gevolgen keuze vermogenswinstbelasting onroerende zaken
Documentgegevens:
Datum 30-01-2026
- Datum
30-01-2026
- Datum brondocument
29-01-2026
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Vermogensrendementsheffing (box 3)
- Wetingang
Art. 5.2 Wet IB 2001
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een vermogenswinstbelasting op onroerende zaken en aandelen in of winstbewijzen van startende ondernemingen heeft in de komende dertig jaar cumulatief een budgettair belang van zo’n € 42 miljard. Echter, het kabinet heeft als uitgangspunt gehanteerd dat de hervorming van box 3 budgettair neutraal uitpakt. Dat schrijft Staatssecretaris Heijnen van Financiën in antwoord op Kamervragen aan de Tweede Kamer.
Met het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 wordt voorgesteld om met ingang van 1 januari 2028 het werkelijke rendement te belasten in box 3. De belasting wordt als hoofdregel vormgegeven als een vermogensaanwasbelasting. Voor onroerende zaken en aandelen in of winstbewijzen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.