Wanneer goederen worden uitgeslagen uit een accijnsgoederenplaats is accijns verschuldigd. De vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats is verantwoordelijk voor het voldoen van de accijns. Nu kan het gebeuren dat de afnemer zijn financiële verplichtingen jegens de vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats niet nakomt. Artikel 61 Wet op de accijns (WA) voorziet in een voorrecht voor de vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats.
Wat vindt u in de Vakstudie?
1. De geschiedenis van artikel 61 Wet op de accijns
In aantekening 1.2.1 vindt u een toelichting op de totstandkoming van artikel 61 Wet op de accijns. Een chronologisch overzicht van de parlementaire behandeling vindt u in aant. 1.2.2. Vervolgens worden in aant. 1.4 doel en strekking van dit artikel behandeld. In aant. 1.6.1 is de context van het artikel opgenomen ten aanzien van de plaats ervan in de wet. In aant. 1.6.2 is de context opgenomen ten aanzien van de Invorderingswet 1990.
2. Wat houdt het voorrecht voor de vergunninghouder van een accijnsgoederenplaats in?
De vergunninghouder van een accijnsgoederenplaats heeft voor de accijns die is begrepen in de verkoopprijs van de door hem geleverde accijnsgoederen, zolang hij ter zake geen betaling heeft ontvangen voorrecht op alle goederen van de koper. Hij heeft dit recht niet langer dan een half jaar nadat hij de accijns verschuldigd is geworden (aant. 2).
3. Welke rangorde heeft het voorrecht?
.Dit voorrecht heeft gelijke rangorde als het voorrecht dat 's Rijks schatkist heeft op grond van art. 21 IW 1990 (aant. 3).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Vakstudie Accijnzen en milieubelastingen, art. 61 WA, aant. 1.1
Aant. 1.1 Inleiding
Actueel t/m 05-05-2026
05-05-2026, het commentaar is bijgewerkt t/m BNB 2026/65 en V-N 2026/19.22
01-01-1992 tot: -
Vakstudie Accijnzen en milieubelastingen, art. 61 WA, aant. 1.1
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
accijns
Wet op de accijns artikel 61
Beschouwing
Wanneer goederen worden uitgeslagen uit een accijnsgoederenplaats is accijns verschuldigd. De vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats is verantwoordelijk voor het voldoen van de accijns. Nu kan het gebeuren dat de afnemer zijn financiële verplichtingen jegens de vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats niet nakomt. Artikel 61 Wet op de accijns (WA) voorziet in een voorrecht voor de vergunninghouder van de accijnsgoederenplaats.
Wat vindt u in de Vakstudie?
1. De geschiedenis van artikel 61 Wet op de accijns
In aantekening 1.2.1 vindt u een toelichting op de totstandkoming van artikel 61 Wet op de accijns. Een chronologisch overzicht van de parlementaire behandeling vindt u in aant. 1.2.2. Vervolgens worden in aant. 1.4 doel en strekking van dit artikel behandeld. In aant. 1.6.1 is de context van het artikel opgenomen ten aanzien van de plaats ervan in de wet. In aant. 1.6.2 is de context opgenomen ten aanzien van de Invorderingswet 1990.
2. Wat houdt het voorrecht voor de vergunninghouder van een accijnsgoederenplaats in?
De vergunninghouder van een accijnsgoederenplaats heeft voor de accijns die is begrepen in de verkoopprijs van de door hem geleverde accijnsgoederen, zolang hij ter zake geen betaling heeft ontvangen voorrecht op alle goederen van de koper. Hij heeft dit recht niet langer dan een half jaar nadat hij de accijns verschuldigd is geworden (aant. 2).
3. Welke rangorde heeft het voorrecht?
.Dit voorrecht heeft gelijke rangorde als het voorrecht dat 's Rijks schatkist heeft op grond van art. 21 IW 1990 (aant. 3).