FED 2002/321
HR, 24-05-2002, nr. 37 419
HR 24-05-2002, ECLI:NL:HR:2002:AE3177
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 mei 2002
- Zaaknummer
37 419
- LJN
AE3177
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting (V)
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2002:AE3177, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑05‑2002
- Wetingang
Art. 8, eerste lid, onderdeel b, en art. 14 Wet IB 1964
Samenvatting
Uit de feiten volgt dat het landbouwbedrijf is gestaakt. Derhalve kan geen vervangingsreserve worden gevormd. Als grondwaarde voor toepassing van de landbouwvrijstelling moet de waarde in bebouwde staat worden genomen.
Uitspraak
Belanghebbende, X, dreef tot 15 januari 1996 een tuinbouwonderneming waarin met glasopstallen tomaten werden gekweekt. In 1993 sloot X een overeenkomst met A BV, waarbij hij zijn grond en zijn woonhuis verkocht. Op 15 januari 1996 vond de levering van het verkochte plaats. A BV wendde de gronden aan voor woningbouw. In geschil is of de onderneming is gestaakt en of X een vervangingsreserve kan vormen. Verder ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.