Einde inhoudsopgave
Regeling betreffende evidente staatloosheid en het identificatiedocument voor staatlozen
Artikel 3
Geldend
Geldend vanaf 01-01-2026
- Bronpublicatie:
13-10-2025, Stcrt. 2025, 35882 (uitgifte: 22-10-2025, regelingnummer: 6717422)
- Inwerkingtreding
01-01-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
13-10-2025, Stcrt. 2025, 35882 (uitgifte: 22-10-2025, regelingnummer: 6717422)
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Nationaliteitsrecht
1.
2.
Ter zake van de afdoening van een verzoek om het in het eerste lid bedoelde identificatiedocument te verstrekken, is de staatloze een bedrag van € 254,– verschuldigd en de minderjarige staatloze een bedrag van € 85,–.
3.
De staatloze dient het verzoek, bedoeld in het tweede lid, in persoon in bij het loket van de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Bij de indiening van dat verzoek maakt de staatloze gebruik van het model dat als bijlage 4 bij deze regeling is gevoegd.
4.
De staatloze haalt het identificatiedocument in persoon af bij het loket van de Immigratie- en Naturalisatiedienst.