Totstandkoming Wet differentiatie vliegbelasting (36815)

Totstandkoming Wet differentiatie vliegbelasting (36815)

Bijgewerkt t/m: 29-12-2025

Redactie

id-aa96034a-0c06-483c-b526-34172e8c27e3

De Staatssecretaris van Financiën heeft op Prinsjesdag 2025 het wetsvoorstel Wet differentiatie vliegbelasting bij de Tweede Kamer ingediend. Het wetsvoorstel is onderdeel van het pakket Belastingplan 2026 en wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag. Het is de bedoeling dat de wet op 1 januari 2027 in werking treedt.

Het wetsvoorstel betreft de introductie van een gedifferentieerd tarief in de vliegbelasting en wordt gebaseerd op de eindbestemming waar de passagier vanaf een Nederlandse luchthaven naartoe vliegt. Dit betreft alleen de passagiers die in Nederland opstappen, zogenoemde Origin Destination (OD-)passagiers. Passagiers die overstappen op Nederlandse luchthavens zijn uitgezonderd van de vliegbelasting. De eindbestemming wordt bepaald aan de hand van de door of voor de passagier afgesloten vervoersovereenkomst. Een overstapluchthaven wordt niet als eindbestemming beschouwd.

De voorgestelde progressieve tariefstructuur maakt onderscheid tussen drie afstandscategorieën. De verschillende staten en gebieden zijn opgenomen in twee bijlagen. Bijlage A bevat de lidstaten van de Europese Unie alsmede het Caribische deel van het Koninkrijk der Nederlanden (Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba) en Europese staten en gebieden waarvan de hoofdstad is gelegen op een afstand van 0 tot circa 2000 kilometer van Amsterdam. Bijlage B bevat staten en gebieden die niet onder bijlage A vallen en waarvan de hoofdstad doorgaans is gelegen op een afstand tussen de circa 2.000 en 5500 kilometer van Amsterdam. Voor staten en gebieden die niet zijn opgenomen in de bijlagen, geldt dat de hoofdstad op een afstand van meer dan 5500 kilometer van Amsterdam is gelegen en in de verste afstandscategorie vallen.

Afhankelijk van in welke staat of in welk gebied de eindbestemming zich bevindt, bedraagt de vliegbelasting:

€ 29,40, indien de eindbestemming van de passagier is gelegen in een staat of gebied die, onderscheidenlijk dat, is opgenomen in bijlage A;

€ 47,24, indien de eindbestemming van de passagier is gelegen in een staat of gebied die, onderscheidenlijk dat, is opgenomen in bijlage B;

€ 70,86, indien de eindbestemming van de passagier is gelegen in een staat of gebied die, onderscheidenlijk dat, niet is opgenomen in bijlage A of bijlage B;

Wanneer de eindbestemming van een passagier niet kan worden vastgesteld, bedraagt het tarief € 70,86.

Stand van zaken

Het voorstel is ingediend bij de Tweede Kamer. Het voorstel is op 27 november 2025 aangenomen door de Tweede Kamer. Ook is amendement nr. 13 aangenomen. De Eerste Kamer is op 16 december 2025 akkoord gegaan met het voorstel.

id-ce38fd66-03e0-419c-aa5e-9a08b68c672a

Documenten bij dit thema

De voorgestelde versie per 1 januari 2027 is nog niet beschikbaar.

Art. 72 Wet belastingen op milieugrondslag

Art. 77 Wet belastingen op milieugrondslag

Art. 79 Wet belastingen op milieugrondslag

Art. 90 Wet belastingen op milieugrondslag

Bijlage A, behorende bij de Wet belastingen op milieugrondslag

Bijlage B, behorende bij de Wet belastingen op milieugrondslag

Pakket Belastingplan 2026. Aangenomen amendementen, V-N 2025/54.9

Pakket Belastingplan 2026. Beantwoording vragen eerste wetgevingsoverleg 17-11-2025, V-N 2025/54.8

‘Klimaatmaatregelen’, M. Betjes, WFR 2025/289

Invoering afstandsafhankelijke vliegbelasting leidt tot beperkte daling aantal passagiers, V-N Vandaag 2025/1293

Parlementaire geschiedenis

Documenten: