Recht op aftrek van de btw: wanneer en hoeveel?

Recht op aftrek van de btw: wanneer en hoeveel?

Bijgewerkt t/m: 16-02-2026

Mr. Anne Marieke Smits

id-d3e0f8db-ce81-4bdb-a58f-26c6bd3adce9

Btw-specialist werkzaam bij Royal Swinkels, en werkt sinds 2015 op regelmatige basis mee aan uitgaven van Wolters Kluwer

Ondernemers die btw belaste activiteiten verrichten en beschikken over een correcte factuur mogen onder bepaalde voorwaarden de voorbelasting in aftrek brengen.

Ondernemers hebben het recht om btw op kosten onder bepaalde voorwaarden in de Nederlandse btw-aangifte te verrekenen met de btw die zij moeten voldoen over hun omzet. Dit verrekenmechanisme heet het recht op aftrek van voorbelasting.

Voorwaarden voor het recht op aftrek van voorbelasting

Niet in alle gevallen bestaat het recht op aftrek van voorbelasting. Ondernemers moeten aan strikte voorwaarden voldoen willen zij dit recht uitoefenen.

Wanneer heb je recht op aftrek van voorbelasting?

Op basis van de Nederlandse wet en de Btw-Richtlijn zijn verschillende voorwaarden opgenomen over wanneer het recht op aftrek van voorbelasting mag worden uitgeoefend. Zoals het moment van het ontvangen van de factuur, het betalen van een vooruitbetaling of bij een ingebruikname van een goed of dienst.

Wanneer wordt aftrek van voorbelasting geweigerd?

Voor de btw op kosten die toerekenbaar zijn aan btw-vrijgestelde omzet is geen aftrek van voorbelasting mogelijk. Bij fraude wordt het aftrekrecht geweigerd.

Intracommunautaire verwervingen

Indien een ondernemer goederen in Nederland verwerft voor btw belast gebruik, bestaat recht op aftrek van voorbelasting.

Besluit Uitsluiting aftrek (BUA)

Dit besluit regelt voor Nederlandse ondernemers de uitsluiting van het recht op aftrek van voorbelasting bij het verstrekken van relatiegeschenken of personeelsverstrekkingen.

Horecabestedingen

De btw op kosten voor eten en drinken in een horeca-etablissement is niet aftrekbaar.

Holding activiteiten

Holdingvennootschappen zonder actief ondernemerschap hebben primair geen recht op aftrek van voorbelasting.

Recht op aftrek bij gemengd gebruik

Wanneer een ondernemer kosten maakt die niet toerekenbaar zijn aan specifieke activiteiten is sprake van algemene kosten. Bij btw belaste en vrijgestelde activiteiten mag de btw op algemene kosten pro rata in aftrek worden gebracht.

Herziening

In het geval een ondernemer kosten heeft gemaakt voor btw belaste omzet, maar binnen een bepaalde termijn verandert het gebruik, bijvoorbeeld van zakelijk naar privé of van belast gebruik naar vrijgesteld, dient het uitgeoefende recht op aftrek te worden herzien.

Factuurvereisten

Een correcte factuur is onder andere van belang voor het uitoefenen van het recht op aftrek van voorbelasting. Aan een correcte factuur stelt de Nederlandse wetgever diverse voorwaarden.

Privégebruik

Recht op aftrek van voorbelasting mag niet worden uitgeoefend indien sprake is van een aankoop voor privé.

Misbruik van recht

Bij een kunstmatige structuur met als enig doel belastingvoordeel, is sprake van misbruik van recht en bestaat geen recht op aftrek van voorbelasting.

Buitenlandse btw

Buitenlandse btw moet op verzoek worden teruggevraagd via een elektronische portal van de Nederlandse Belastingdienst.

Documenten bij dit thema

Artikel 15 Wet op de omzetbelasting 1968

Artikel 17a, lid 1, Wet op de omzetbelasting 1968

Artikel 2, lid 1, Wet OB 1968

Artikel 35a Wet op de omzetbelasting 1968

Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968, Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 23 september 1968, Stb. 1968, 473

Besluit aftrek van omzetbelasting 2020, Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 24 november 2020, nr. 2020-167584, Stcrt. 2020, 63000

Besluit aftrek van omzetbelasting 2020, Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 24 november 2020, nr. 2020-167584, Stcrt. 2020, nr. 63000, zoals gewijzigd bij Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 14 september 2021, nr. 2020-150944, Stcrt. 2021, 41482, TaxVisions editie 22 januari 2021

Beleidsbesluit belastingplicht en fiscale eenheid omzetbelasting, Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 4 december 2024, nr. 2024-13987, Stcrt. 2024, 38545

Besluit administratieve verplichtingen omzetbelasting, Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 1 mei 2025, nr. 2025-115705, Stcrt. 2025, 15981

Overzicht vervallen regelgeving

Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 18 februari 1991, nr. VB91/347, Besluit heffing van omzetbelasting met betrekking tot houdstermaatschappijen en het houden van aandelen in het algemeen (Holding resolutie) (vervallen)

Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 25 november 2011, nr. BLKB2011/641M, Stcrt. 2011, 21834, Besluit aftrek van omzetbelasting

Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 6 december 2014, nr. BLKB 2014-704M, Stcrt. 2014, 36166, Besluit administratieve-, facturerings- en andere verplichtingen

Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 28 april 2021, nr. 2021-9403, Stcrt. 2021, 22627, Besluit btw-heffing bij werkzaamheden van toezichthouders en van leden van diverse commissies

Gerechtshof Amsterdam 21 mei 2024, nrs. 22/2440 t/m 22/2453, ECLI:NL:GHAMS:2024:1552, V-N 2024/40.1.4

HvJ EU 4 mei 2023, zaak C-127/22, ECLI:EU:C:2023:381 (Balgarska telekumunikatsionna kompania), V-N 2023/22.15, H&I 2023/175

HvJ EU 21 oktober 2021, zaak C-80/20, ECLI:EU:C:2021:870 (Wilo Salmson France), V-N Vandaag 2021/966, V-N Vandaag 2021/2489, FED 2022/5

HvJ EU 21 november 2018, zaak C-664/16, ECLI:EU:C:2018:933 (Vădan), V-N 2018/65.16

HvJ EU 8 november 2018, zaak C-502/17, ECLI:EU:C:2018:888 (C&D Foods), BNB 2019/10, V-N 2018/62.16, FED 2019/22, Belastingadvies 2019/3.7, TaxVisions 30 november 2018

HvJ EG 11 juli 1991, zaak C-97/90, ECLI:EU:C:1991:315 (Lennartz), Jur. 1991, p. I-3795, FED 1991/647, V-N 1991/2402, 29

HvJ EU 4 oktober 2024, zaak C 475/23, ECLI:EU:C:2024:866 (Voestalpine Giesserei Linz), V-N 2024/46.14, Taxvisions editie 25 oktober 2024

Hof Arnhem-Leeuwarden 9 juli 2024, nrs. BK-ARN 22/711 en 22/712, ECLI:NL:GHARL:2024:4603, V-N 2024/50.7, Belastingadvies 2024/20.5, Taxvisions editie 15 november 2024

HvJ EU 11 april 2018, zaak C-532/16, ECLI:EU:C:2018:228 (SEB bankas), V-N 2018/27.16, FED 2018/104, TaxVisions 18 mei 2018

HvJ EU 31 mei 2018, zaken C-660/16 en C-661/16, ECLI:EU:C:2018:372 (Kollroß en Wirtl), BNB 2018/197,V-N 2018/32.9, FED 2018/117, Belastingadvies 2018/15.6, TaxVisions 22 juni 2018

HvJ EU 27 juni 2018, zaken C-459/17 en C-460/17, ECLI:EU:C:2018:501 (SGI Valériane), V-N 2018/40.12, TaxVisions 3 augustus 2018

S.B. Cornielje & H.W.M. van Kesteren, 'Het nieuwe beleid voor holdingvennootschappen in de omzetbelasting', WFR 2025/49

M.E. van Hilten & H.W.M. van Kesteren, Omzetbelasting, Fed Fiscale Studieserie, nr. 6, 17e druk 2023

W.A.P. Nieuwenhuizen, ‘Als bouwplannen niet doorgaan, is er dan nog wel btw-aftrek op ingekochte diensten?’, Btw-bulletin 2021/42; en P. Tielemans, ‘ITH Comercial Timișoara: stoppen met btw-aftrek!’, BtwBrief 2021/20

A.E.H., Berkhuizen-Van Egmond, ‘Het arrest C&D Foods Acquisitions ApS, BtwBrief 2018/15

P. Tielemans, ‘Hoge Raad overstag: notariële akte van levering is geen btw-factuur’, BtwBrief 2017/21

H.G.A. van Assen, ‘Onvolledige factuur staat aftrek niet (meer) in de weg’, BTW-bulletin 2017/9

J. Sanders, ‘Over de grenzen van de belastingplicht’, BtwBrief 2012/58

Staatssecretaris laakt btw-constructies gemeenten, V-N 2012/63.15

Cursus Belastingrecht, OB.2.4.4, Aftrek van voorbelasting

Cursus Belastingrecht, OB.6.1.1 Gevallen van teruggaaf, Afdeling 1 Teruggaaf van belasting

Cursus Belastingrecht, OB.6.2.2 Teruggaaf van in Nederland in rekening gebrachte belasting aan ondernemers uit een andere lidstaat (art. 32b-32s)

Vakstudie Omzetbelasting, art. 15 Wet op de omzetbelasting 1968, aant. 1 e.v.

Fiscale Modellen II.F.1.1, Verzoek betreffende verlening van een BTW-identificatienummer

Fiscale Modellen I.A.12c, Ingebrekestelling Bestuursorgaan in verband met het niet tijdig nemen van een besluit (artikel 4.17 t/m 4.20 AWB)