TAR 2001/13:Plichtsverzuim, bestaande in het te laat aanvragen van toestemming voor het buiten de grenzen van de verleende toestemming en het zonder toestemming verrichten van nevenwerkzaamheden, alsmede het in die nevenbetrekkingen niet handelen zoals een goed ambtenaar betaamt, staat op grond van de beschikbare gegevens, waaronder bekentenissen van betrokkene en verklaringen van benadeelden voldoende vast. Het gegeven dat het hier ging om privé-activiteiten die ver af staan van betrokkenes ambtelijke werkzaamheden relativeert de ernst van het plichtsverzuim enigszins. Gezien anderhalf jaar doorfunctioneren na bekend worden van de feiten en het nooit geconstateerd zijn van gebreken in integriteit bij eigen ambtelijke werkzaamheden is de impact van het gepleegde plichtsverzuim niet zodanig dat handhaving in het ambt niet mogelijk was en slechts de zwaarste straf kon worden gegeven.