Accijnzen
Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/6.4.1:6.4.1 Goede werking van de interne markt voor accijnsgoederen
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/6.4.1
6.4.1 Goede werking van de interne markt voor accijnsgoederen
Documentgegevens:
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS302904:1
- Vakgebied(en)
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
‘Vijftien jaar na zijn instelling ligt de interne markt voor de accijnsgoederen nog verzand in de subsidiariteit’
Het communautaire accijnsregime moet bijdragen tot een goede werking van de interne markt. Het EG-verdrag definieert de interne markt als 'een ruimte zonder binnengrenzen, waarin het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal is gewaarborgd volgens de bepalingen van dit verdrag'. Daarbinnen vindt het vrije verkeer van goederen en diensten plaats als ware die ruimte het binneneland van een lidstaat waar interne neutraliteit heerst (internemarktbeginsel), welke een onontbeerlijke voorwaarde is voor het bestaan van een douane-unie waarin het vrije verkeer van goederen is gewaarborgd. Volgens de aanhef van de considerans van de Accijnsrichtlijn is het doel van de Accijnsrichtlijn het bevorderen van de goede werking van de interne markt op het gebied van de accijnsheffing. Volgens deze definities is de interne markt voor accijnsgoederen een ruimte zonder binnengrenseffecten, zonder tariefsverschillen en met gelijke uitvoeringsregels.
Het accijnsregime beantwoordt nog lang niet aan dit ideaalbeeld. Vijftien jaar na zijn instelling ligt de interne markt voor accijnsgoederen nog verzand in de subsidiariteit.
De interne markt voor accijnsgoederen zal niet worden gerealiseerd zolang de minimumharmonisatie niet wordt omgezet in volledige harmonisatie. De minimumtarieven houden de forse tariefsverschillen tussen de lidstaten in stand waardoor de interne markt voor accijnsgoederen niet neutraal werkt. Het fiscaal discriminatieverbod waarborgt de juridische en de externe neutraliteit. De neutraliteit van belastingheffing binnen de interne markt is daarmee beperkt tot de afzonderlijke nationale wetgevingen van de lidstaten die zich ten hoogste kunnen uitstrekken tot buitenlandse markten waar nationale goederen concurreren met soortgelijke goederen die zijn voortgebracht in andere lidstaten. Het fiscaal discriminatieverbod reikt n iet zover dat daarmee ook de interne neutraliteit binnen de interne markt, dat wil zeggen gelijke tarieven en regels binnen de interne markt, kan worden afgedwongen. De volstrekte neutraliteit die het HvJ EG afdwingt is volstrekte externe neutraliteit. Toch is de interne neutraliteit wel via enkele fundamentele bepalingen van de Accijnsrichtlijn in het accijnsregime doorgedrongen. Het belastbaar feit en de verschuldigdheid zijn gelijkelijk geregeld. Ter zake van de uitslag of invoer op het grondgebied van de Gemeenschap is conform het bestemmingslandbeginsel slechts éénmaal accijns verschuldigd.
Veraccijnsde goederen worden na overbrenging naar een andere lidstaat aldaar conform het bestemmingslandbeginsel opnieuw belast onder teruggaaf van de accijns door de lidstaat van herkomst. Het stellen van zekerheid draagt een internemarktbrede erkenning.
De interne markt voor accijnsgoederen bestaat slechts marginaal: uitsluitend voor het particuliere verkeer van accijnsgoederen, dat wil zeggen het verkeer zonder handelsdoeleinden.
Door het vereiste de goederen persoonlijk te vervoeren is deze magere toepassing van het internemarktbeginsel nog smaller dan de ruimte die particulieren vóór de instelling van de interne markt hadden. Voor het handelsverkeer van accijnsgoederen geldt het internemarktbeginsel niet, doch het bestemmingslandbeginsel, zoals vóór de instelling van de interne markt per 1 januari 1993. Vanwege het ontbreken van een gemeenschappelijke schatkist, wordt de accijns met toepassing van het bestemmingslandbeginsel geheven door de fiscale autoriteit van de lidstaat van bestemming van de goederen, de lidstaat waar de goederen geacht worden te worden verbruikt. De accijns vloeit in de schatkist van die lidstaat. Deze fundamenteel verkeerde vormgeving van het accijnsregime is een gevolg van het onderlinge wantrouwen van de lidstaten de accijnsopbrengsten bij het ontbreken van een communautaire fiscale autoriteit onderling te verrekenen en onvoldoende gemeenschapszin in het nastreven van de eigen nationale landbouw- en andere economische belangen.
Naast deze praktische buitenwerkingstelling van het internemarktbeginsel zijn er nog veel meer bepalingen die onbestaanbaar zijn op een binnenmarkt. De zes specifieke uitvoeringsrichtlijnen bevatten reeksen algemene verplichte en facultatieve vrijstellingen en verlaagde tarieven alsmede lidstaatspecifieke facultatieve vrijstellingen en verlaagde tarieven. Ook de vele facultatieve vrijstellingen en minimumtarieven met de daarbij per definitie behorende tariefsverschillen tussen lidstaten, binnengrensoverschrijdende verleggingsregelingen, verplichte binnengrensoverschrijdende fiscaal vertegenwoordigers, afwijkende rekeneenheden, actieradiusbeperkende brandstofreservoirregelingen, het verval van vrijstelling wanneer een binnenschip dat zich op de vaart toevallig in een andere lidstaat bevindt en aldaar wordt bevoorraad, de verschillende inzet van fiscale merktekens en teruggaafregelingen en verschillen in heffing en invordering (omdat de heffing en de invordering van de accijnzen een zuiver nationale aangelegenheid is), zijn onbestaanbaar in een interne markt. De toepassing door sommige lidstaten van twee afzonderlijke accijnsheffingsregimes, één voor de uitslag en één voor de invoer, bevordert de ongewenste en ongezonde diversiteit in nationale heffings- en inningsprocedures.
Al deze afwijkingen houden de forse tariefsverschillen en verschillende uitvoeringsregelgeving binnen de interne markt in stand, doen de interne neutraliteit geweld aan, onthouden burgers en bedrijven voordelen van de interne markt en dwingen hen tot onnodige en vermijdbare kosten. Het slechten ervan is een basisvereiste voor een goede werking van de interne markt voor accijnsgoederen. Facultatieve vrijstellingen en niet-tijdelijke derogaties dienen hetzij te worden afgeschaft, hetzij te worden omgezet in verplichte vrijstellingen naar de Braathens-regel. Minimumtarieven behoren nu na veertien jaar internemarktstreven binnen redelijke termijn te worden omgezet in verplichte uniforme tarieven. Vrijstellingen voor diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen van de lidstaten geaccrediteerd in andere lidstaten en voor de strijdkrachten van de lidstaten gestationeerd in andere lidstaten zijn in strijd met het internemarktbeginsel. De onlangs onder het Duitse voorzitterschap aanvaarde communautaire energiebesparingspolitiek behoort tevens het instrument te zijn om te komen tot verplichte uniforme en pigouviaanse tarieven voor energieproducten.