Accijnzen
Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/5.1.1:5.1.1 Inleiding
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/5.1.1
5.1.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS300525:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Handelingen II 1898/99, 13 juni 1898, p. 1088 rk.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
‘De Minister heeft zich daarbij niet gesteld op het standpunt van den fiscalen ambtenaar, maar op dat van den oeconoom, die door opheffing van fiscale belemmeringen ‘s lands welvaart wil verhoogen, en men moet hem daarvoor hulde brengen.’1
mr. M. Tydeman Jr.,
Lid van de Tweede Kamer, 13 juni 1898
In hoofdstuk 4 is vastgesteld dat het accijnsregime niet kan beantwoorden aan het ideaalbeeld van de interne markt. In dit licht wordt in hoofdstuk 5 de werking van het neutraliteitsbeginsel met betrekking tot de interne markt onderzocht. Verder komen het opbrengstgenererende en het bestedingensturende vermogen van de Europese accijnzen aan de orde. Met de uitkomsten daarvan wordt de toetsing van het Europese accijnsregime aan de vijf criteria voltooid en volgen enkele wenken om het Europese accijnsregime binnen redelijke tijd in overeenstemming met de interne markt te brengen. Voorts worden enkele praktische toepassingen van accijnzen gepresenteerd.
Vanuit het veroorzakersbeginsel worden met aanloop vanuit hoofdstuk 4 de pigouviaanse gedaanten voor de alcoholaccijns en de tabaksaccijns voorgesteld. Vanuit de beginselen van neutraliteit en doelmatigheid van belastingen wordt een blauwdruk gepresenteerd voor de Europese vlaktaks, accijnsheffing van financiële diensten in vier varianten, waarmee de btw-heffing van financiële diensten kan worden geneutraliseerd, eigen middelen voor de EU-begroting kunnen worden gegenereerd en de zware administratievelastendruk van de loon-, winst- en andere inkomensbelastingen kan worden geëlimineerd door afschaffing van die belastingen waardoor de directe belasting- en premiedruk op arbeid en ondernemen geheel verdwijnt ter bevordering van werkgelegenheid en ondernemerschap.