Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/5.4.2
5.4.2 Verdeling belastingdruk
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS301747:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Voetnoten
Voetnoten
EC, Directorate-General for Taxation and Customs Union and Eurostat, the Statistical Office of the European Communities, Structures of the taxation systems in the European Union, 2005 Edition, Data 1995-2003, Luxembourg: Office for Official Publications of the European Communities, 2005, p. 8.
European Commission, Directorate-General for Taxation and Customs Union and Eurostat, the Statistical Office of the European Communities, Structures of the taxation systems in the European Union, 2005 Edition, Data 1995-2003, Luxembourg: Office for Official Publications of the European Communities, 2005, p. 5-6, 39, 50, 59.
Bulletin EU maart 1997, par. 1.3.31.
Overweging 6, 7 25, 26 en 29 considerans Richtlijn energiebelastingen. Bulletin EU maart 1997, par. 1.3.31.
De accijnzen dragen in alle lidstaten substantieel bij aan de totale belastinginkomsten.
Het aandeel van de opbrengsten van verbruiksbelastingen in de totale belastingontvangsten is in alle lidstaten zeer substantieel en het grootst in Cyprus, Griekenland, Hongarije, Ierland, Portugal, Slowakije en het VK. In deze lidstaten is de druk op arbeid en ondernemen daarmee gemiddeld lager dan in andere lidstaten. Het aandeel van de verbruiksbelastingen in de totale belastingmix van de EU10 bedraagt 37,5%; in die van de EU15 is dit 30,1%.1 De Scandinavische lidstaten hebben de hoogste alcoholaccijnzen en de mediterrane lidstaten de laagste. De Baltische lidstaten hebben de laagste accijnzen.2
De communautaire energiebelasting is naast de ratio’s van het vergaren van opbrengsten gemotiveerd met de ratio inkomensneutrale verschuiving van lasten op arbeid en ondernemen naar energiebesparing en milieubescherming ter bevordering van werkgelegenheid en bedrijvigheid. De implementatie van de EB biedt de lidstaten de mogelijkheid hun belastingstelsels ‘werkgelegenheidsgunstiger te herzien’.3 De belastingdruk wordt ten gunste van arbeid en ondernemen herverdeeld door de druk van de belastingen en sociale premies op arbeid en ondernemen te verschuiven naar de energiebelasting.4