Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/4.2.6
4.2.6 Karakter en reikwijdte uitvoeringsrichtlijnen
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS305296:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Voetnoten
Voetnoten
De Accijnsrichtlijn en de zes specifieke uitvoeringsrichtlijnen hebben hun basis in art. 93 EG.
HvJ EG 17 juni 1999, nr. C-166/98, Société critouridienne de distribution (Socridis) vs. Receveur principal des douanes, Jur. 1999, p. I-3791, r.o. 25. Evaluatieverslag EC 2004, nr. 37.
Art. 26 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken.
De reikwijdte van de vanaf de instelling van de interne markt (1 januari 1993) tot aan 2004 in werking zijnde Structuurrichtlijn minerale oliën en de Tariefrichtlijn minerale oliën betreffende respectievelijk de harmonisatie van de structuur van de accijnzen van minerale oliën en de onderlinge aanpassing van de accijnstarieven voor minerale oliën, was slechts beperkt tot minerale oliën. Eerste overweging considerans Richtlijn energiebelastingen.
Overweging 2 considerans Richtlijn energiebelastingen.
Overweging 12 considerans Richtlijn energiebelastingen.
Overweging 13 considerans Richtlijn energiebelastingen.
Overweging 4 considerans Richtlijn energiebelastingen.
Overweging 3 considerans Richtlijn energiebelastingen.
Overweging 5 considerans Richtlijn energiebelastingen.
(Eerste) Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen betreffende de belasting, andere dan omzetbelasting, op het verbruik van tabaksfabrikaten, nr. 72/464/EEG, (PbEg 1972, L 303).
Tweede richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen betreffende de belasting, andere dan omzetbelasting, op het verbruik van tabaksfabrikaten, nr. 79/32/EEG, (PbEg 1979, L 10/8).
Richtlijn 92/78/EEG van de Raad van 19 oktober 1992 tot wijziging van de Richtlijnen 72/464/EEG en 79/32/EEG betreffende de belasting, andere dan omzetbelasting, op het verbruik van tabaksfabrikaten, (PbEg 1992, L 316/5-7).
HvJ EG 19 oktober 2000, nr. C-216/98, EC vs. Griekenland (minimumkleinhandelsverkoopprijzen), Jur. 2000, p. I-8921, r.o. 18.
Art. 2 lid 2 en lid 3 Structuurrichtlijn tabaksproducten.
Art. 27 lid 2 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken.
Verplichte vrijstellingen: Art. 27 lid 1 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 14 Richtlijn energiebelastingen. Facultatieve vrijstellingen: Art. 6, 10, 14 en 27 lid 2 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 15, 16, 18 en 21 lid 5 Richtlijn energiebelastingen. Art. 11 Structuurrichtlijn tabaksproducten.
Art. 4, 5, 9, 13, 18 en, 22 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 7 lid 4, 9 lid 2, 11 lid 4, 15 lid 3, 16, 17 en 19 Richtlijn energiebelastingen.
Art. 23 aanhef en lid 1 en lid 2, art. 28 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 7 lid 2 Tariefrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 15 lid 1 onderdeel g en art. 18 lid 7 tot en met lid 13 Richtlijn energiebelastingen.
Art. 23 Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 3 lid 3, en art. 7 Tariefrichtlijn alcoholhoudende dranken. Art. 18 en bijlage II Richtlijn energiebelastingen. Art. 3 lid 3 Tariefrichtlijn tabaksproducten.Art. 3 lid 2 Tariefrichtlijn sigaretten.
Evenals de Accijnsrichtlijn hebben haar zes uitvoeringsrichtlijnen tot doel het bevorderen van de goede werking van de interne markt op het gebied van het vrije verkeer van accijnsgoederen en -diensten en de accijnsheffing.1 De richtlijnen regelen (1) de aanpassing van de accijnstarieven onderling tussen de lidstaten, (2) de werkingssfeer en de berekeningsmethodiek van de verschuldigde accijnzen van de communautaire accijnsgoederen en hebben (3) via harmonisatie van de nationale accijnswetgevingen tot doel de verdere totstandkoming en de goede werking van de interne markt te bevorderen en te waarborgen. Het doel is niet de accijnsheffing tussen accijnsgoederen onderling aan te passen, aldus het HvJ EG in het Socridis-arrest (1999).2 De richtlijnen verplichten de lidstaten enkel de minimumtarieven voor communautaire alcohol-, energie- en tabaksproducten toe te passen.
De Structuurrichtlijn alcoholhoudende dranken heeft betrekking op bier, wijn, andere gegiste dranken dan wijn en bier, tussenproducten en ethylalcohol. De structuurrichtlijn en de bijbehorende tariefrichtlijn verplichten de lidstaten enkel een minimumaccijns toe te passen. De definities van de belaste alcohol en alcoholhoudende dranken zijn gebaseerd op de gecombineerde nomenclatuur die van kracht is op de datum waarop deze richtlijnen zijn vastgesteld.3
Met de Richtlijn energiebelastingen is het scala van in de communautaire accijnsheffing te betrekken energiedragers uitgebreid van minerale oliën naar energieproducten en elektriciteit.4 Van een breuk met het verleden is geen sprake. Op talrijke punten vertoont de tekst van de Richtlijn energiebelastingen gelijkenis met de teksten van de sedert 1 januari 2004 vervallen Structuurrichtlijn minerale oliën en Tariefrichtlijn minerale oliën. De gemeenschapswetgever heeft het ontbreken van communautaire bepalingen om elektriciteit en andere energieproducten dan minerale oliën aan minimumaccijnstarieven te onderwerpen, strijdig geacht voor de goede werking van de interne markt.5 Energieprijzen zijn immers cruciaal voor van het communautaire energie-, vervoers- en milieubeleid6, omdat accijnzen voor een substantieel deel de prijs van energieproducten en elektriciteit bepalen.7
Verschillen tussen de door de lidstaten toegepaste nationale belastingtarieven doen afbreuk aan de goede werking van de interne markt.8 Voor de goede werking van de interne markt en de verwezenlijking van de doelstellingen van het communautaire beleid op het gebied van gezondheid, milieu, energie en vervoer is het nodig dat op communautair niveau minimumtarieven bestaan voor zo veel mogelijk energieproducten, inclusief aardgas, elektriciteit en kolen.9 De Richtlijn energiebelastingen voorziet in een stelsel van gemeenschappelijke minimumtarieven waarmee wordt beoogd bestaande verschillen tussen de nationale belastingtarieven te doen afnemen en de goede werking van de interne markt te bevorderen.10 De Richtlijn energiebelastingen stelt het minimumtarief per energieproduct vast en biedt lidstaten de mogelijkheid voor bepaalde doelen verlaagde tarieven toe te passen.
De Structuurrichtlijn tabaksproducten is een voortzetting van de Eerste richtlijn tabaksproducten (1972)11, van de Tweede richtlijn tabaksproducten (1978)12 en de Structuurrichtlijn tabaksproducten 1992.13 Bij die richtlijnen is de structuur van de accijnsheffing van tabaksproducten al in belangrijke mate geharmoniseerd. De ratio van de Structuurrichtlijn tabaksproducten is om binnen het kader van de accijnsharmonisatie te voorkomen dat de concurrentie tussen de verschillende categorieën tabaksproducten die tot eenzelfde groep behoren, wordt vervalst.14 De Tariefrichtlijn tabaksproducten en de Tariefrichtlijn sigaretten stellen voor elke categorie tabaksproducten een minimumheffingspercentage van de accijns vast. De Raad stelt, op voorstel van de EC, de nodige bepalingen vast, om aan te geven hoe tabaksproducten moeten worden gedefinieerd en in categorieën ingedeeld. De definities van tabaksproducten doen geen afbreuk aan de vaststelling van de systemen noch aan die van de hoogte van belasting die van toepassing zijn op de verschillende in deze artikelen genoemde groepen producten.15 Bij de instelling van de interne markt (1 januari 1993) zijn pruimtabak en snuiftabak niet in de communautaire accijnswetgeving geprolongeerd, is de definitie van sigaretten aangepast, is de mogelijkheid gecreëerd tot het aanbrengen van een onderscheid in rooktabak tussen kerftabak (shagtabak) en andere rooktabak, en zijn de mogelijkheden tot instelling van een minimumaccijnstarief voor rooktabak uitgebreid.
De zes specifieke uitvoeringsrichtlijnen bevatten reeksen algemene verplichte en facultatieve16 vrijstellingen17 en verlaagde tarieven18 alsmede lidstaatspecifieke facultatieve vrijstellingen19 en verlaagde tarieven.20 Naast het feit dat sprake is van harmonisatie met minimumtarieven kunnen ook op grond hiervan forse tariefsverschillen tussen de lidstaten bestaan en voortbestaan.