V-N Vandaag 2019/870
Nederland past verrekening buitenlandse belasting correct toe
HR 12-04-2019, ECLI:NL:HR:2019:581
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
12 april 2019
- Zaaknummer
18/04260
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
Europees belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:581, Uitspraak, Hoge Raad, 12‑04‑2019
- Wetingang
Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (BWBV0001000, 14)Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (BWBV0001506, 63)Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Spaanse Staat tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen (BWBV0003462, 25)Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Spaanse Staat tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen (BWBV0003462, 10)Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen (BWBV0004110, 24)Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen (BWBV0004110, 10)Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen (BWBV0005862, 20)Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen (BWBV0005862, 13)
Essentie
Hof 's-Hertogenbosch oordeelt in navolging van de rechtbank dat de inspecteur terecht slechts 15% bronbelasting hoeft te verrekenen. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).
Samenvatting
Belanghebbende, X, ontvangt in 2013 uit Duitsland, Frankrijk en Spanje in totaal € 123.381 aan dividend. X geeft in zijn IB-aangifte € 33.884 aan verrekenbare buitenlandse bronbelasting aan terwijl de inspecteur slechts verrekening van € 18.507 toestaat. Het geschil betreft het bedrag aan verrekenbare buitenlandse bronbelasting.
Hof 's-Hertogenbosch (V-N 2018/66.1.2) oordeelt in navolging van de rechtbank dat de inspecteur ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.