Intellectuele eigendom in het conflictenrecht
Einde inhoudsopgave
Intellectuele eigendom in het conflictenrecht (R&P nr. IE1) 2009/1.2.3:1.2.3 Resumé
Intellectuele eigendom in het conflictenrecht (R&P nr. IE1) 2009/1.2.3
1.2.3 Resumé
Documentgegevens:
mr. S.J. Schaafsma, datum 25-06-2009
- Datum
25-06-2009
- Auteur
mr. S.J. Schaafsma
- JCDI
JCDI:ADS464020:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
115. Probleem en oplossing. Vatten wij het bovenstaande over het ontstaan en de werking van het beginsel van nationale behandeling kort samen. De toestand van rechteloosheid van vreemde werken of auteurs — het discriminatoire rechtsvacuüm — werd in de eerste helft van de negentiende eeuw steeds meer als problematisch ervaren. Als remedie werd het beginsel van nationale behandeling ontwikkeld.
116. Werking: dubbele oplossing. Het beginsel van nationale behandeling hief de toestand van rechteloosheid op door vreemde werken of auteurs, als ware zij van nationale komaf, onder de hoede van de nationale wet te brengen — door hen 'nationaal te behandelen'. Waar deze toestand van rechteloosheid zowel een vreemdelingenrechtelijk aspect (discriminatie) als een conflictenrechtelijk aspect (rechts-vacuum) kent, kent het beginsel van nationale behandeling spiegelbeeldig ook deze twee aspecten. Het stelt, aan de hand van het formele-territorialiteitsbeginsel, een toepasselijke wet in de plaats van het eerdere rechtsvacuüm (conflictenrecht), en het stelt non-discriminatie in de plaats van de eerdere discriminatie (vreemdelingenrecht). Zo bevat het beginsel van nationale behandeling twee met elkaar vervlochten regels: een conflictregel en een vreemdelingenrechtelijke regel.
117. Ontwikkelingsstadia. In de ontwikkelingsgang van het beginsel van nationale behandeling hebben wij tot dusver twee stadia onderscheiden.
118. In het eerste stadium werd het beginsel van nationale behandeling eenzijdig in de nationale wet afgekondigd onder voorwaarde van reciprociteit: men ging pas tot nationale behandeling over indien aan de reciprociteitsvoorwaarde was voldaan. In veel negentiende-eeuwse auteurswetten was een dergelijk beginsel van nationale behandeling opgenomen.
119. Deze eenzijdige benadering bleek echter niet te voldoen — zij bood onvoldoende zekerheid en de reciprociteitsvoorwaarden veroorzaakten veel complicaties. Men koos een andere benadering, en zo ontrolde zich het tweede stadium in de ontwikkelingsgang van het beginsel van nationale behandeling: men begon (bilaterale) verdragen af te sluiten, waarin de verdragsluitende staten over en weer nationale behandeling van elkaars werken of auteurs verzekerden. Na het midden van de negentiende eeuw kwam een stroom van bilaterale verdragen op gang, die vrijwel alle waren gebaseerd op het beginsel van nationale behandeling.
120. In zijn tweede ontwikkelingsstadium werd het beginsel van nationale behandeling dus verheven naar een verdragsrechtelijk plan, en daarmee viel de reden om nationale behandeling afhankelijk te stellen van reciprociteitsvoorwaarden weg. Het beginsel van nationale behandeling werd onvoorwaardelijk. Toch gold het beginsel van nationale behandeling in dit tweede stadium nog niet onverkort: het moest zich, zo komt dadelijk in hoofdstuk 2 aan de orde, nog belangrijke uitzonderingen laten welgevallen.