Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/6.5.2.1
6.5.2.1 Overgang van de vordering, maar geen overgang van de positie van gelaedeerde
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS587115:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. HR 20 oktober 2006, NJ 2007, 142 (BAM/Winterthur), m.nt. M.M. Mendel.
Zie HR 4 februari 1972, NJ 1972, 203 (ALVM/Vonk), m.nt. GJS. Zie ook HR 24 januari 1930, NJ 1930, 299, m.nt. E.M. Meijers, waarin de Hoge Raad oordeelde dat aan een schadeverzekeraar niet een vordering uit onrechtmatige daad toekomt, wanneer aan de verzekerde schade wordt toegebracht. Dit is slechts anders, indien de pleger van de onrechtmatige daad de opzet had de verzekeraar te benadelen. Vgl. Losbladige Schadevergoeding 2010 (S.D. Lindenbergh), art. 6:95, aant. 56.
Zie hiervóór nr. 344-345.
Zie hierna nr. 368 e.v.
Zie HR 4 februari 1972, NJ 1972,203 (ALVM/Vonk), m.nt. GJS.
357. De nieuwe schuldeiser die een schadevergoedingsvordering uit onrechtmatige daad verkrijgt, verkrijgt weliswaar de vordering, maar neemt niet de positie van de gelaedeerde in. De nieuwe schuldeiser kan daarom aanvullende schadevergoedingsvorderingen jegens de schuldenaar die in zijn vermogen ontstaan, niet op de onrechtmatige daad van de schuldenaar jegens de oude schuldeiser baseren, tenzij de schuldenaar ook jegens hem afzonderlijk onrechtmatig heeft gehandeld.
Na de overgang van een schadevergoedingsvordering uit onrechtmatige daad behoudt de vordering zijn rechtskarakter als schadevergoedingsvordering uit onrechtmatige daad. De nieuwe schuldeiser kan bijvoorbeeld een beroep doen op art. 6:83 sub b BW: de schuldenaar is ook na de overgang van de vordering zonder ingebrekestelling in verzuim.1 Maar de schuldenaar heeft alleen jegens de oude schuldeiser, bij wie de schadevergoedingsvordering uit onrechtmatige daad is ontstaan, onrechtmatig gehandeld. Door de overgang van de schadevergoedingsvordering uit onrechtmatige daad, wordt dit handelen van de schuldenaar niet ook onrechtmatig jegens de nieuwe schuldeiser. De nieuwe schuldeiser kan bijvoorbeeld niet op grond van het onrechtmatig handelen van de schuldenaar jegens de oude schuldeiser, uit eigen hoofde op grond van onrechtmatige daad aanvullende schadevergoeding vorderen, tenzij de schuldenaar ook jegens hem onrechtmatig handelt.2
Het voorgaande sluit niet uit dat de nieuwe schuldeiser op grond van de wet uit eigen hoofde – als schuldeiser van de schadevergoedingsvordering – aanspraak kan maken op vergoeding van vertragingsschade, bijvoorbeeld wegens wanprestatie van de schuldenaar jegens hem als (nieuwe) schuldeiser, zoals bij vertragingsschade,3 of op vergoeding van buitenrechtelijke kosten, vaststellingskosten en proceskosten op grond van de wet.4
Hetzelfde geldt voor de stille cessie. Wordt een schadevergoedingsvordering uit onrechtmatige daad stil gecedeerd, dan ontvalt daaraan door de overgang niet het rechtskarakter van schadevergoedingsvordering, maar door de stille cessie wordt de schadeveroorzakende handeling van de schuldenaar niet (ook) jegens de stille cessionaris onrechtmatig.5