Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden
Einde inhoudsopgave
Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden (SteR nr. 17) 2014/7.6:7.6 CONCLUSIES
Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden (SteR nr. 17) 2014/7.6
7.6 CONCLUSIES
Documentgegevens:
mr. drs. S.D.P. Kole, datum 31-01-2014
- Datum
31-01-2014
- Auteur
mr. drs. S.D.P. Kole
- JCDI
JCDI:ADS442464:1
- Vakgebied(en)
Natuurbeschermingsrecht / Algemeen
Natuurbeschermingsrecht / Gebiedsbescherming
Natuurbeschermingsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk is onderzocht of het beheerplan kan worden vervangen door het bestemmingsplan en vice versa. Daarnaast is bekeken in hoeverre het beheerplan kan fungeren als een complementair instrument naast het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan is een geschikt instrument om habitats en soorten in een gunstige staat van instandhouding te brengen, dan wel te houden. Vanuit het perspectief van een goede ruimtelijke ordening en de toets van artikel 19j, eerste lid Nbw 1998 is de inzet van een bestemmingsplan geen bevoegdheid maar een verplichting. Voor het beschermen van Natura 2000-gebieden is het noodzakelijk om de bestemming natuur te combineren met een concrete doeleindenomschrijving. Hierbij fungeren de instandhoudingsdoelstellingen van habitats en soorten als uitgangspunt. Het bestemmingsplan kan direct maar ook indirect bijdragen aan de bescherming van Natura 2000-gebieden. In dat verband is gewezen op de mogelijkheden van de EHS en andere ‘bufferzones’. Naast de bescherming van de betrokken gebieden zelf (Natura 2000 en EHS) biedt het bestemmingsplan interessante mogelijkheden om vormen van schadelijk gebruik te verbieden of op een passende locatie toe te staan.
In een bestemmingsplan worden voor zover noodzakelijk regels opgenomen ten behoeve van de gelegde bestemming. Het is mogelijk om met behulp van bestemmingsplanregels habitats en soorten in Natura 2000-gebieden te beschermen. Deze mogelijkheid is wel aan een aantal beperkingen onderworpen. In het Nederlandse ruimtelijk ordeningsrecht wordt uitgegaan van het principe van de toelatingsplanologie. Als gevolg daarvan is het niet toegestaan om positieve verplichtingen in een bestemmingsplan op te nemen. Dit kan problemen opleveren wanneer de instandhouding van habitats en soorten juist een ‘doen’ vereisen. Dit knelpunt kan worden opgelost door het vastleggen van voorwaardelijke verplichtingen in het bestemmingsplan. Desondanks zijn de mogelijkheden om habitats en soorten met behulp van bestemmingsplanregels (omgevingsvergunning voor werken en werkzaamheden en gebruiksverboden) te beschermen beperkt. Dit heeft te maken met het algemene gebruiksverbod van artikel 2.1, eerste lid, sub c Wabo en het ruime toepassingsbereik van de vergunningplicht van artikel 19d, eerste lid Nbw 1998. Het is wel mogelijk om in een bestemmingsplan regels op te nemen voor de bescherming van natuurwaarden die niet onder het toepassingsbereik van de Vrl en de Hrl vallen. Dergelijke regels kunnen op een indirecte wijze bijdragen aan de bescherming van habitats en soorten.
Het bestemmingsplan is vanwege de mogelijkheid om algemene regels te stellen een geschikter instrument dan het beheerplan om de bescherming van een Natura 2000-gebied af te dwingen. Hierbij wordt opgemerkt dat de bescherming van habitats en soorten voor wat betreft de ‘verboden’ grotendeels over het bestaande Nbw 1998-spoor (vergunningplicht artikel 19d Nbw 1998) loopt. Om die reden is het niet mogelijk om Natura 2000-gebieden alleen op basis van een bestemmingsplan en bijbehorende regels te beschermen. Daarnaast zijn er ook andere nadelen aan de inzet van het bestemmingsplan verbonden. In dat verband kan worden gewezen op de knelpunten met betrekking tot grensoverschrijdende Natura 2000-gebieden en de herziening en de verlenging van bestemmingsplannen. Voor het oplossen van deze knelpunten is het noodzakelijk om de bestaande wet- en regelgeving aan te passen.
Op basis van de huidige wet- en regelgeving is het niet mogelijk om een bestemmingsplan te vervangen door een beheerplan. Het toepassingsbereik van het beheerplan is beperkt tot Natura 2000-gebieden, en de hierin opgenomen afspraken zijn juridisch niet afdwingbaar. Het beheerplan kan wel fungeren als een complementair instrument naast het bestemmingsplan. Het beheerplan is vooral van belang voor het afstemmen van de ruimtelijke ordening op de instandhoudingsdoelstellingen van habitats en soorten.
De bovenstaande conclusies zijn getrokken op basis van de bestaande wet- en regelgeving. Voor de nabije toekomst bestaan serieuze plannen voor de realisatie van een Omgevingswet. In de Toetsversie Omgevingswet wordt het bestemmingsplan vervangen door een omgevingsplan. Op basis van de beschikbare informatie lijkt het omgevingsplan – net als het bestemmingsplan − een geschikt instrument voor de bescherming van Natura 2000-gebieden. Een en ander neemt niet weg dat noch het bestemmingsplan, noch het (toekomstige) omgevingsplan een volledige implementatie vormt van de verplichtingen die voortvloeien uit artikel 6 Hrl.