Individuele straftoemeting in het fiscale bestuurlijke boeterecht
Einde inhoudsopgave
Individuele straftoemeting in het fiscale bestuurlijke boeterecht (FM nr. 151) 2018/7.3.2.2:7.3.2.2 Het boeterapport: een gemotiveerde strafeis?
Individuele straftoemeting in het fiscale bestuurlijke boeterecht (FM nr. 151) 2018/7.3.2.2
7.3.2.2 Het boeterapport: een gemotiveerde strafeis?
Documentgegevens:
mr. I.J. Krukkert, datum 01-02-2018
- Datum
01-02-2018
- Auteur
mr. I.J. Krukkert
- JCDI
JCDI:ADS466911:1
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Fiscaal strafrecht
Fiscaal bestuursrecht / Boete
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als de inspecteur voornemens is een vergrijpboete op te leggen, dan is hij verplicht de belastingplichtige hiervan in kennis te stellen middels het toezenden van een boeterapport (artikel 5:48 Awb). Dit rapport – ook wel kennisgeving genoemd – vormt het startpunt voor de zienswijzeprocedure en kan dus in zekere zin vergeleken worden met een strafrechtelijke tenlastelegging (zie ook hoofdstuk 5, onderdeel 5.3.1).
De regelgeving stelt weinig eisen aan het rapport. De inspecteur is niet verplicht om het boetebedrag of eventuele strafbeïnvloedende omstandigheden in het rapport te vermelden, laat staan dat hij verplicht is een motivering terzake op te nemen. Het rapport hoeft dus formeel geen toelichting op de straftoemeting te bevatten, met als gevolg dat de belastingplichtige niet weet waar hij zich tegen moet verweren. Weliswaar krijgt hij een ‘herkansing’ in de bezwaarfase, maar het verkrijgen van een motivering naderhand, nota bene op initiatief van degene die beboet wordt, verdraagt zich mijns inziens slecht met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel.
Daar komt bij dat de belastingplichtige in sommige gevallen het risico loopt geconfronteerd te worden met een gebrekkig gemotiveerde boetebeschikking. De inspecteur kan namelijk voor de motivering van de boetebeschikking volstaan met een verwijzing naar het boeterapport (paragraaf 11, lid 2 BBBB) als de belastingplichtige geen gebruik maakt – of heeft kunnen maken – van het recht om zijn zienswijze naar voren te brengen (artikel 5:53 jo. 5:50 Awb). Daardoor kan een gebrek in de motivering van het rapport doorwerken in de motivering van de boetebeschikking.
Het lijkt me daarom raadzaam dat de inspecteur bijvoorbeeld bij beleid (BBBB) wordt verplicht om het voorgenomen boetebedrag in het boeterapport mede te delen en te motiveren, waarbij hij tevens ingaat op de geldende beleidsstandaarden en eventuele strafbeïnvloedende omstandigheden. Aldus wordt de belastingplichtige de mogelijkheid geboden tijdig verweer te voeren tegen de straftoemeting.