NJ 1921, p. 966
Navordering van te weinig betaalde vracht. Omrekeningskoers van de Mark ad 59 cents.
HR 03-06-1921, ECLI:NL:HR:1921:163
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 juni 1921
- Magistraten
Voorzitter: Mr. S. Gratama. Raden: Mrs. J. A. A. Bosch, Jhr. R. Feith, Dr. L. E. Visser en J. Kosters.
- Zaaknummer
[03061921/NJ_1921,_p._966]
- Conclusie
Mr. Noyon
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Auteursrecht
Internationaal privaatrecht / Bijzondere onderwerpen
Staatsrecht / Bijzondere onderwerpen
Verbintenissenrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1921:163, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑06‑1921
- Wetingang
(BW art. 1374; Wet AB art. 11; Berner Conventie (oud) art. 11.)
Essentie
Navordering van te weinig betaalde vracht. Omrekeningskoers van de Mark ad 59 cents.
Samenvatting
De herleidingskoers van 59 cents berust op een wettelijk voorschrift — Alg. Eegl. Vervoer 1901 gewijzigd bij K. B. van 19 Juni 1915 S. 286 — dat geen uitzondering kent voor nagevorderde kosten en hetwelk de rechter niet op gronden van billijkheid buiten toepassing mag laten.
Partij(en)
De N.V. „Maatschappij tot. Exploitatie van Staatsspoorwegen", gevestigd te Utrecht, eischeres tot cassatie van een vonnis der Arr.-Rechtbank te Amsterdam, de dato 25 November 1920, p. (N. J. 1921 blz. 771, Red.), advocaat Jhr. Mr. A. K. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.