JAR 2014/294
Vermoeden van discriminatie naar geslacht in selectieprocedure. Eiseres is afgewezen voor de functie van UD bij de UvA. Het hof oordeelt dat sprake is van een vermoeden van onderscheid naar geslacht, gelet op onder meer de eenzijdige samenstelling van de selectiecommissie, het feit dat geen vrouw op de shortlist is geplaatst terwijl 28% van de sollicitanten vrouw was, het feit dat is afgeweken van de aanvankelijk aangekondigde procedure en de ondervertegenwoordiging van vrouwen in wetenschappelijke functies. Het is aan de UvA om het vermoeden te weerleggen.
Hof Amsterdam 07-10-2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:4132
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
7 oktober 2014
- Magistraten
Mrs. J.E. Molenaar, L.A.J. Dun, D. Kingma
- Zaaknummer
200.134.062/01
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2016:3417, Uitspraak, Hof Amsterdam, 23‑08‑2016
ECLI:NL:GHAMS:2014:4132, Uitspraak, Hof Amsterdam, 07‑10‑2014
- Wetingang
Art. 3, 6a Wet gelijke behandeling mannen en vrouwen
Essentie
[Aanbevolen: ja] Eiseres heeft ongeveer 13 jaar bij de Faculteit Economie en Bedrijfskunde (FEB) van de UvA gewerkt. Op 8 februari 2001 is zij gepromoveerd. Op 18 maart 2008 heeft de UvA een vacature voor de functie van Universiteit Docent bij de FEB geplaatst. Eiseres heeft naar deze functie gesolliciteerd. Bij e-mail van 19 mei 2008 heeft de UvA aan eiseres laten weten dat ze niet was geselecteerd. Er is een man van 31 jaar aangenomen. Volgens eiseres is bij de selectie sprake geweest van discriminatie op grond van geslacht. De Commissie Gelijke Behandeling heeft haar in het gelijk ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.