De uitvoering van Europese subsidieregelingen in Nederland
Einde inhoudsopgave
De uitvoering van Europese subsidieregelingen in Nederland (R&P nr. SB6) 2012/7.1:7.1 Inleiding
De uitvoering van Europese subsidieregelingen in Nederland (R&P nr. SB6) 2012/7.1
7.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. J.E. van den Brink, datum 13-12-2012
- Datum
13-12-2012
- Auteur
Mr. J.E. van den Brink
- JCDI
JCDI:ADS401959:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het onderhavige onderzoek heeft betrekking op de uitvoering van Europese subsidieregelingen in Nederland. In hoofdstuk 1 is de volgende onderzoeksvraag geformuleerd:
Welke juridische problemen bestaan bij de uitvoering van Europese subsidieregelingen door Nederlandse uitvoeringsorganen en in hoeverre kunnen dergelijke problemen worden opgelost door aanpassingen in het Europese en/of het nationale (subsidie)recht?
In de voorgaande hoofdstukken zijn de juridische problemen die zich bij de uitvoering van de Europese subsidieregelingen voordoen in kaart gebracht. Deze problemen zijn inherent aan het 'gemengd bestuur' waarvan in het kader van de uitvoering van de Europese subsidieregelgeving sprake is. Hiermee wordt gedoeld op het nauwe samenspel tussen de Europese Commissie en de lidstaten hetgeen tot gevolg heeft dat het bijna niet mogelijk is om een duidelijke grens aan te brengen in hun respectievelijke taken. De consequentie hiervan is dat de Europese subsidieregelgeving in veel gevallen niet zonder het nationale recht kan worden uitgevoerd. De in dit onderzoek geconstateerde juridische problemen vinden vaak hun oorzaak in het feit dat de Nederlandse (subsidie)regelgeving die op de uitvoering van toepassing is, niet goed is afgestemd op de Europese subsidieregelgeving, of zelfs daarmee in strijd komt. Het komt ook voor dat in het Nederlandse (subsidie)recht een regeling is getroffen die specifiek betrekking heeft op de verstrekking van Europese subsidies, maar tot veel (nieuwe) onduidelijkheden en daarmee tot rechtsonzekerheid leidt of in strijd is met ander nationaal recht. Juridische problemen bij de uitvoering in Nederland vinden ten slotte ook regelmatig hun oorzaak in de Europese subsidieregelgeving zelf en de uitleg daarvan door het Hof van Justitie.
In de literatuur wordt weliswaar aangegeven dat het gemengd bestuur een complex systeem van besluitvorming op zowel Europees niveau als nationaal niveau tot gevolg heeft, maar daarbij wordt weinig aandacht besteed aan vragen als, 'hoe werkt het gemengd bestuur in de praktijk?' en 'wat zijn de precieze juridische consequenties op nationaal en Europees niveau van de uitvoering van het Eu-recht in gemengd bestuur?'. Dit onderzoek laat wat betreft de uitvoering van de Europese subsidieregelgeving de praktische en juridische consequenties van het gemengd bestuur zien.
In deze slotbeschouwing bespreek ik in de eerste plaats wat het gemengd bestuur in het kader van de uitvoering van Europese subsidieregelingen in de praktijk betekent. Betreft het een gelijkwaardig partnerschap tussen de Europese Commissie en de lidstaten, of wordt het gemengd bestuur voornamelijk gekenmerkt door hiërarchie in die zin dat de Europese Commissie de lidstaten in een Europees keurslijf dwingt? In de tweede plaats worden de juridische consequenties van het gemengd bestuur besproken.
Hoewel dit onderzoek zich uitsluitend richt op de uitvoering van Europese subsidieregelingen, kan het wat betreft de kwalificatie van gemengd bestuur, de beschrijving van de juridische problemen die daaruit voortvloeien en de aanzet voor mogelijke oplossingen ook betekenis hebben voor het gemengd bestuur zoals zich dat voordoet op andere Eu-beleidsterreinen.