V-N 2019/37.5
Vermogen in trust moet gelijkelijk worden verdeeld over broer en zussen
Hof Den Haag 28-05-2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:1353, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
28 mei 2019
- Magistraten
Van Leijenhorst, Vrouwenvelder, Schipper
- Zaaknummer
BK-18-00673
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS72568:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2019:1353, Uitspraak, Hof Den Haag, 28‑05‑2019
- Wetingang
art. 2.14a Wet IB 2001
Essentie
Hof Den Haag oordeelt dat X en haar broer en zus ieder een derde deel van het vermogen van hun moeder hebben geërfd, en dat aan ieder van hen een derde deel van het vermogen in de trust moet worden toegerekend.
Samenvatting
X is geboren in de VS. In 2011 overlijdt haar moeder. Bij haar testament heeft moeder een trust ingesteld. X geeft het vermogen van de trust niet aan in haar IB-aangifte. De inspecteur corrigeert de aangifte. Volgens de inspecteur moet het gehele vermogen in de trust van € 1,3 mln. aan X worden toegerekend. Rechtbank Den Haag ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.