V-N 2026/6.3
Ingetrokken cassatieberoep: partieel buitenlandse belastingplichtige geniet ROW bij lucratief belang
Hof Amsterdam 03-07-2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:1746, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
3 juli 2025
- Magistraten
Ferrier, Haas, Van den Berg
- Zaaknummer
24/31009 tot en met 24/3111
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD43429:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Buitenlands belastingplichtige
Inkomstenbelasting / Resultaat uit overige werkzaamheden
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2025:1746, Uitspraak, Hof Amsterdam, 03‑07‑2025
- Wetingang
Essentie
Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat X de door hem ontvangen voordelen heeft ‘genoten’ als ab-inkomen in de zin van art 3.95b lid 5 Wet IB 2001. Dat deze inkomsten door de keuze voor partiële belastingplicht niet in de Nederlandse belastingheffing kunnen worden betrokken, maakt dit niet anders.
Samenvatting
X werkt voor A BV, maakt, als ingekomen werknemer, gebruik van de 30%-regeling en kiest voor de partiële buitenlandse belastingplicht. Door zijn deelname aan een aandelenplan houdt X een aanmerkelijk belang in het Luxemburgse Q SA. Q SA houdt de aandelen in Y SA (later: Z BV). De aandelen Y SA ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.