JAR 2013/71
Kennelijk onredelijk ontslag. Hoe moet de schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag worden berekend?
Hof Den Haag 22-01-2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ0401
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
22 januari 2013
- Magistraten
Mrs. R.S. van Coevorden, J.M.T. van der Hoeven-Oud, V. Disselkoen
- Zaaknummer
200.081.188/01
- LJN
BZ0401
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ0401, Uitspraak, Hof Den Haag, 22‑01‑2013
- Wetingang
BW art. 7:681
Essentie
Werknemer is in 1971 in dienst gekomen en in 1991 benoemd tot statutair directeur. Geschillen tussen de aandeelhouder en werknemer leidden tot ontslag als statutair directeur en opzegging van de arbeidsovereenkomst tegen 30 november 2007. Daarbij is geen vergoeding toegekend. De rechtbank heeft het gegeven ontslag kennelijk onredelijk geacht en werkgever veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van € 500.000 bruto. In hoger beroep heeft het gerechtshof te Amsterdam, daarbij de zogenoemde XYZ-formule volgend, een schadevergoeding van € 190.000 toegekend. De Hoge Raad heeft bij arrest van 24 december 2010 (LJN BO3583) het arrest vernietigd en het geding ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.