Doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging
Einde inhoudsopgave
Doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging 2010/0.6:0.6 Indeling van het onderzoek
Doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging 2010/0.6
0.6 Indeling van het onderzoek
Documentgegevens:
mr. D.W.M. Wenders, datum 27-09-2010
- Datum
27-09-2010
- Auteur
mr. D.W.M. Wenders
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het onderzoek is opgedeeld in drie delen. In Deel I staan de beginselen van behoorlijke rechtspraak centraal. Dit deel valt uiteen in enkele inleidende hoofdstukken (1 tot en met 3), en in hoofdstuk 4 worden vervolgens de afzonderlijke beginselen van behoorlijke rechtspraak behandeld. Hoofdstuk 5 beziet de rol en de betekenis van de beginselen van behoorlijke rechtspraak in het Unierecht. Ten slotte bevat hoofdstuk 6 de belangrijkste bevindingen uit Deel I en enkele tussenconclusies.
Deel II van het onderzoek heeft betrekking op (de inrichting van) de bestuurlijke voorprocedures. In dat deel wordt de betekenis van de beginselen van behoorlijke rechtspraak voor die procedures in kaart gebracht. Na enkele algemene hoofdstukken (hoofdstuk 1 tot en met 4), waarin een inleiding wordt gegeven en de functies en de omvang van de werkzaamheid van het bestuur in de bestuurlijke voorprocedures uiteen wordt gezet, komt in hoofdstuk 5 de inrichting van de bezwaarschriftprocedure en het administratief beroep aan bod. Binnen hoofdstuk 5 is aan ieder afzonderlijk te onderzoeken beginsel van behoorlijke rechtspraak een paragraaf gewijd, waarin de betekenis van dat specifieke beginsel voor de inrichting van de bestuurlijke voorprocedures in kaart wordt gebracht. Aan het einde van iedere paragraaf worden reeds tussenconclusies inzake de doorwerking van het desbetreffende beginsel getrokken.
Deel III ten slotte bevat de conclusies en enkele slotbeschouwingen. In Deel III wordt tevens in meer algemene zin ingegaan op de betekenis van de beginselen van behoorlijke rechtspraak voor die bestuurlijke voorprocedures en de positie van die beginselen in het bestuursrechtelijke systeem van rechtsbescherming.