V-N 2019/33.24.3
Aanslagtermijn staat los van termijn waarbinnen gemeente WOZ-beschikking moet nemen
HR 21-06-2019, ECLI:NL:HR:2019:1002
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 juni 2019
- Zaaknummer
19/00006
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Aanslag
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:1002, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑06‑2019
- Wetingang
art. 11 lid 3 AWR; art. 24 Wet WOZ
Essentie
Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de termijn van acht weken waarbinnen gemeenten WOZ-beschikkingen moeten opleggen, geen beperking inhoudt van de aanslagtermijn. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).
Samenvatting
De belanghebbende, X, is het niet eens met aanslagen OZB en rioolheffing en stelt dat de aanslagen te laat zijn opgelegd, nu de gemeente de onderliggende WOZ-beschikkingen niet tijdig heeft genomen.
Hof Arnhem-Leeuwarden (V-N Vandaag 2018/2642) oordeelt dat de termijn van acht weken waarbinnen gemeenten WOZ-beschikkingen moeten nemen, geen beperking inhoudt van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.