V-N 2020/3.13
Nederland mag heffen over beloningen voor buiten Nederland vervulde werkzaamheden
Rb. Noord-Holland 01-08-2019, ECLI:NL:RBNHO:2019:6589, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Rechtbank Noord-Holland
- Datum
1 augustus 2019
- Magistraten
Van Walderveen, Van Rijn, Caljé
- Zaaknummer
AWB - 18 _ 3758
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS178558:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Buitenlands belastingplichtige
Loonbelasting / Dienstbetrekking
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Internationaal belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
Europees belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBNHO:2019:6589, Uitspraak, Rechtbank Noord-Holland, 01‑08‑2019
- Wetingang
Essentie
Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat X vanaf het moment dat hij Nederland heeft verlaten arbeid in Nederland heeft verricht. Zijn loon voor de periode na zijn emigratie is door hem als buitenlands belastingplichtige genoten.
Samenvatting
X woont in Nederland en is van maart 1997 tot april 2016 bestuurder van een in Nederland gevestigd lichaam, B bv. D nv, gevestigd in Curaçao, is enig aandeelhouder van B bv en verkoopt in april 2013 zijn aandelen aan E. X is zelfstandig bevoegd bestuurder hiervan. In 2014 bestaat er een voornemen om B bv te verkopen aan H bv, maar uiteindelijk gaat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.