NJFS 2021/321
Bedreiging moet zich richten tot (rechts)personen; vrijspraak bedreiging ambassadegebouw.
Hof Den Haag 08-04-2021, ECLI:NL:GHDHA:2021:999
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
8 april 2021
- Magistraten
Mrs. E.F. Lagerwerf-Vergunst, D.M. Thierry, M.A.J. van de Kar
- Zaaknummer
22-003829-19
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2021:999, Uitspraak, Hof Den Haag, 08‑04‑2021
- Wetingang
Art. 285 Sr
Essentie
Bedreiging. Verdachte heeft gezegd dat hij een aanslag wilde plegen op de Iraanse ambassade met een bom. Dit is tenlastegelegd als bedreiging (met een terroristisch misdrijf), gepleegd tegen bewakingspersoneel van de politie en tegen het ambassadegebouw. Bedreiging in de zin van art. 285 Sr richt zich op bedreiging jegens (rechts)personen. De reikwijdte van deze bepaling strekt niet tot bedreiging tegen goederen. Nu uitdrukkelijk bedreiging van het ambassadegebouw is tenlastegelegd en niet bedreiging van het personeel of de ambassade als rechtspersoon, volgt vrijspraak. Dit geldt ook voor bedreiging van bewakingspersoneel van de politie nu verdachte zich van hun ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.