NJF 2019/361
Onrechtmatige hinder door bouw en exploitatie van een studentenappartementencomplex in dichtbebouwde omgeving niettegenstaande daarvoor verleende en niet aangevochten vergunning. Afbraak geweigerd.
Hof Arnhem-Leeuwarden 16-04-2019, ECLI:NL:GHARL:2019:3392
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
16 april 2019
- Magistraten
Mrs. W.P.M. ter Berg, J.H. Kuiper, W. Th. Braams
- Zaaknummer
200.212.227/01
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Huurrecht / Huur van woonruimte
Volkshuisvesting en wonen / Woningbouw
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2022:2035, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 15‑03‑2022
ECLI:NL:GHARL:2019:3392, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 16‑04‑2019
- Wetingang
Art. 5:37, 6:103, 6:162 lid 2 BW
Essentie
Onrechtmatige hinder door bouw en exploitatie van een studentenappartementencomplex in dichtbebouwde omgeving niettegenstaande daarvoor verleende en niet aangevochten vergunning. Afbraak geweigerd.
Samenvatting
Vervolg op NJF 2016/505. Een verhuurder heeft met vergunning in een woonwijk een garage met opbouw verbouwd tot kamerverhuurcomplex. Buurtbewoners, die tegen in het bestuursrechtelijke traject geen bezwaren hebben geopperd komen daartegen nu in verweer en vorderen afbraak. De omstandigheid dat vergunning werd verleend betekent niet dat buurtbewoners niet civielrechtelijk kunnen ageren. Uit de vergunning blijkt dat de gemeente niet de meer concrete bezwaren heeft betrokken waar de buurtbewoners nu op wijzen. Daaraan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.