NJFS 2018/121
Vervolging na ongeldigheid van rechtswege ex art. 123b WVW 1994 niet in strijd met ne bis in idem-beginsel.
Hof Arnhem-Leeuwarden 23-04-2018, ECLI:NL:GHARL:2018:3741
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
23 april 2018
- Magistraten
Mrs. J.P. Bordes, J.W. Rijkers, W.A. Holland
- Zaaknummer
21-006049-17
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2018:3741, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 23‑04‑2018
- Wetingang
Essentie
Verkeersrecht (publiekelijk). Ongeldigheid van rechtswege op grond van de recidiveregeling van art. 123b WVW 1994 — indien de bestuurder voor de tweede maal binnen vijf jaar wordt veroordeeld voor overtreding van art. 8 WVW 1994 (> 570 µgl) — maakt niet dat sprake is van een ‘criminal charge’ als bedoeld in art. 6 EVRM. Vervolging ter zake art. 8 WVW 1994 levert ook geen schending op van het ne bis in idem-beginsel. Het OM hoeft veroordeelde bestuurders niet te waarschuwen voor het bestaan van deze recidiveregeling nu de consequenties daarvan voldoende kenbaar en voorzienbaar zijn. Volgt verwerping van het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.